Catharina Hart- en Vaatcentrum

Neurogeen Thoracic Outlet Syndroom (NTOS)

Neurogeen Thoracic Outlet Syndroom (NTOS) is de meest voorkomende vorm van het Thoracic Outlet Syndroom (TOS).

Wat is een Neurogeen Thoracic Outlet Syndroom?

De zenuwbundel van de arm vindt zijn oorsprong in het ruggenmerg en loopt tussen de (scalenus) halsspieren, over de eerste rib en onder het sleutelbeen door naar de arm. Deze bundel kan geïrriteerd raken door herhaaldelijke bewegingen door bijvoorbeeld beroep en/of sport (bijv. kapsters, schilders, zwemmers, volleyballers), doorgemaakt trauma (bijv. auto-ongeval, ruk aan arm), of een toename van de spiermassa (door bijvoorbeeld bodybuilding).

Klachten bij NTOS

Door de irritatie van de zenuwbundel kunnen klachten ontstaan. De meerderheid van de patiënten met het thoracic outlet syndroom (TOS) presenteert zich met klachten van zenuw-irritatie/-beknelling. Het gaat hierbij om ongeveer 95% van alle patiënten waarbij deze vorm het meest voorkomt bij mensen tussen de 20 en 40 jaar.

  • Een tintelend gevoel in de arm, hand en/of vingers;
  • Krachtsverlies in de arm, hand en/of vingers;
  • Een doof / vermoeid /tintelend gevoel in de schouder / arm en/of vingers. De klachten nemen vaak toe of ontstaan bij het heffen of reiken van de arm of gedurende de nacht in een bepaalde slaaphouding.

De combinatie van deze klachten samen met een doorgemaakt trauma verhoogt de kans op het bestaan van NTOS.

Fenna Klapwijk

Als je aan topsport doet, wil je altijd het beste uit jezelf halen. En dat kan niet als je last hebt van een vorm van het Thoracic Outlet Syndroom."

Atlete Fenna Klapwijk (18) en oud-judoka Tim Rentzing (34) kunnen dankzij de behandeling in het TOS-expertisecentrum van het Catharina Hart- en Vaatcentrum weer pijnvrij sporten.lees het verhaal

Hoe komt de diagnose NTOS tot stand?

De diagnose NTOS is gebaseerd op vier pijlers:

  • Voorgeschiedenis en klachtenpatroon;
  • Bevindingen lichamelijk onderzoek en aanvullend onderzoek;
  • De afwezigheid van een andere verklaring voor de klachten (uitsluiten van differentiaal diagnose);
  • De uitslag van een proefblokkade (een injectie in de halsspieren en/of kleine borstspier).

Tijdens de intake bij de verpleegkundig specialist en neuroloog worden uw klachten geïnventariseerd. Door diverse TOS-specialisten wordt lichamelijk onderzoek uitgevoerd. Tijdens het lichamelijk onderzoek wordt onder andere geprobeerd de symptomen op te wekken. Hierbij wordt gebruikgemaakt van enkele provocatietesten (provoceren = uitlokken).

Provocatietesten

Binnen het TOS expertisecentrum wordt op dit moment gebruik gemaakt van onderstaande provocatietesten. Een positieve uitslag bij één of meerdere van deze testen geeft geen zekerheid op het hebben van TOS, het geeft slechts richting in het diagnostisch proces.

Upper limb tension test (ULTT)

Deze test wordt gebruikt om de symptomen die worden veroorzaakt door het oprekken van de brachialis plexus (de grote armzenuw) te beoordelen. Het hoofd wordt tijdens deze test weggekanteld van de aangedane zijde, terwijl er met de arm/hand enkele bewegingen worden gemaakt. Tijdens deze test wordt er geobserveerd welke symptomen optreden en op welk moment.

Elevated arm stress test (EAST)

Deze test wordt gebruikt om de symptomen die ontstaan door een beklemming, veroorzaakt door spieren, te beoordelen. Het woord ‘stress’ refereert naar het feit dat de bovenarmen omhoog worden gebracht tot een hoek van 90 graden. De ellebogen worden hierbij gebogen en naar achteren gebracht. U wordt gevraagd de handen in deze positie gedurende 3 minuten stevig te openen en te sluiten. Tijdens het uitvoeren van de test wordt gelet op het optreden van klachten.

Tinel sign

Met lichte klopjes (of ‘tikken’) op plaatsen waar de zenuw kan worden bekneld (geïrriteerd), wordt geobserveerd of de klachten optreden en/of toenemen.

Drukpunten

Met druk op plaatsen waar de zenuw kan worden bekneld (geïrriteerd), wordt geobserveerd of de klachten optreden en/of toenemen.

Diagnose NTOS

Om tot de juiste diagnose te komen, moet het TOS-team een aantal diagnosen uitsluiten. Pijn en tintelingen (maar ook andere bij NTOS passende klachten) kunnen namelijk ook door andere aandoeningen worden veroorzaakt. De problematiek waar verder naar wordt gekeken is onder andere:

  • Een eventuele bewegingsbeperking van de hals met uitstraling naar de nek, de schouders of arm (zoals bij een nekhernia);
  • Aandoeningen van en rond het schoudergewricht;
  • Aandoeningen van en rond het ellebooggewricht;
  • De eventuele beklemming van de zenuwen ter hoogte van de elleboog (beklemming ulnaris zenuw) en/of de pols (carpaal tunnel syndroom).

Onderzoeken bij NTOS

In het diagnostisch proces maken we verder gebruik van verschillende onderzoeken (niet alle onderzoeken zijn op iedere patiënt van toepassing):

  • Duplex (echo) onderzoek van de armvaten (Vaatlaboratorium, routenummer 120): Een duplex onderzoek is bedoeld om eventuele afwijkingen aan de slagaders of compressie op de slagaders op te sporen. Bij dit onderzoek wordt gekeken naar de bloedstroom in de slagaderen. Het onderzoek wordt uitgevoerd door een laborant van het vaatlaboratorium. Tijdens dit onderzoek worden verschillende (provocerende) houdingen aangenomen.
  • Röntgenfoto bovenste deel borstkas (afdeling Radiologie, routenummer  375): Om eventuele afwijkingen van sleutelbeen, eerste rib en/of eventuele halsrib(ben) op te sporen, wordt een röntgenfoto van de thorax-apertuur (bovenste deel borstkas) gemaakt.
  • CT-onderzoek(afdeling Radiologie, routenummer 375): Bij afwijkingen van de rib, een halsrib of andere afwijkingen van de botten in het schoudergordelgebied wordt soms aanvullend nog een CT-onderzoek gedaan, zodat de chirurg zo goed mogelijk geïnformeerd is over uw anatomie, dit zowel in het kader van de diagnose als de eventuele operatie.
  • Electromyogram (EMG) (afdeling Neurologie, routenummer 086): De neuroloog kan bij u een electromyografie (EMG) uitvoeren. Dit is een spier- en zenuwonderzoek waarbij met behulp van kleine  stroomstootjes de functie van de zenuwen en spieren getest kunnen worden.

Fysiotherapie bij NTOS

Wanneer zenuwen in de zogenoemde thoracic outlet bekneld raken tijdens specifieke houdingen of bewegingen, kan een fysiotherapeutisch traject met houdingscorrectie soms uitkomst bieden. De fysiotherapeut die u binnen ons centrum bezoekt is een externe fysiotherapeut die voor uw gemak aanwezig is binnen het TOS expertisecentrum.

Dit bezoek valt dus niet onder de ziekenhuisverzekerde zorg.  Binnen het TOS expertisecentrum werken wij nauw samen met drie fysiotherapeuten die zich in de afgelopen jaren specifiek hebben toegelegd op schouderproblematiek.

Lees meer over de mogelijkheden van fysiotherapie bij NTOS.

Proefblokkade

Indien de eerste bevindingen wijzen in de richting van de diagnose NTOS, wordt een proefblokkade geplaatst. Het plaatsen van een proefblokkade gebeurt op de afdeling Anesthesiologie & Pijngeneeskunde (route 371). Voor het plaatsen van de proefblokkade is het noodzakelijk om een dagdeel opgenomen te worden. Hiervoor is een tweede bezoek aan ons centrum noodzakelijk.

Bij een proefblokkade wordt onder geleide van echo een kleine hoeveelheid marcaïne (verdoving) gespoten in de twee scalenus halsspieren die de zenuw (mogelijk) omklemmen. Eventueel kan dit ook in de kleine borstspier wanneer overwogen wordt dat hier een beklemming plaatsvindt.

Aan de hand van een herhaalde EAST test en uw eigen ervaring beoordeeld de specialist het resultaat van de blokkade. U krijgt tevens een scorelijst mee naar huis waarop u zelf kunt aangeven hoe u de klachten heeft ervaren gedurende de dag van plaatsing en de hierop volgende dagen.

Chirurgische behandeling van NTOS: Thoracic Outlet Decompressie (TOD)

Wanneer wordt besloten tot operatie, wordt een zogenaamde Thoracic Outlet Decompressie (TOD) verricht. Deze bestaat uit het verwijderen van de eerste rib, inclusief gedeeltelijke verwijdering van de op de rib aanhechtende halsspieren en eventuele fibreuze strengen die de zenuw beknellen. Vervolgens wordt een ‘neurolyse’ verricht (het vrijmaken van de zenuw uit ‘fibrotisch’ weefsel).

Dit fibrotische weefsel wordt gevormd als reactie op herhaaldelijke irritatie/beschadiging door trauma/sport/werk. Veel patiënten vragen ons “of dat wel zomaar kan, verwijderen van een rib en halsspieren”? Ons antwoord is dat deze operatie inmiddels bij diverse topsporters is verricht die inmiddels weer op hun oude niveau (zo niet beter) zijn teruggekeerd. Met andere woorden, u kunt zonder problemen zonder eerste rib en de betreffende spieren.

Vragen/meer informatie

Heeft u na het lezen van bovenstaande informatie nog vragen over het ontstaan, de diagnose en/of de behandeling van TOS? Stuur dan een e-mail naar TOSexpert@catharinaziekenhuis.nl

Deel deze pagina