Catharina Hart- en Vaatcentrum

Arterieel Thoracic Outlet Syndroom (ATOS)

Het Arterieel Thoracic Outlet Syndroom (ATOS) is een subtype van het Thoracic Outlet Syndroom (TOS).

Wat is Arterieel Thoracic Outlet Syndroom (ATOS)?

Het Arterieel Thoracic Outlet Syndroom (ATOS) is de arteriële variant van TOS. Hierbij is de slagader (arterie) in de thoracale outlet beklemd of beschadigd geraakt.

Klachten bij ATOS

Klachten die voorkomen bij ATOS zijn:

  • Een vermoeid en zwaar gevoel in de arm, met name bij gebruik van de arm (al dan niet boven schouderniveau).
  • Een koud gevoel in de arm, bleke of gevlekte vingers en/of spierkrampen.

Ook bij deze vorm kunnen de klachten ontstaan of toenemen bij het heffen of gebruiken van de arm.

Gevolgen van Arterieel Thoracic Outlet Syndroom

Als gevolg van repeterende beklemming kan beschadiging van de slagaderwand optreden waardoor trombo-embolieën (bloedpropjes) ontstaan die acute klachten kunnen veroorzaken. Deze embolieën eindigen in de vingers/duim en sluiten daar de slagader af, wat tot afsterven van (een deel van) de vinger(s) kan leiden. Een dergelijk klachtenpatroon bij een jonge, fitte patiënt kent weinig andere oorzaken.

Dit neemt niet weg dat ook bij deze vorm van TOS aanvullend onderzoek noodzakelijk is om vast te kunnen stellen waar de embolie of beknelling zich precies bevindt. Als onderzoek naar ATOS wordt ingesteld bestaat dit meestal uit een CT-onderzoek of angiografie.

Behandeling ATOS

Bij de behandeling van ATOS met het beeld van trombo-embolieën is conservatieve therapie (training, andere levensstijl etc.) vaak geen optie. Dit betekent dat de behandeling van ATOS bestaat uit een chirurgische interventie. Bij deze operatie wordt de beknelling van de arterie verholpen door decompressie van de thoracale outlet, waarbij een eventuele bron van trombo-embolieën (bloedpropjes) wordt gecorrigeerd (bijvoorbeeld met een bypass). Soms is sprake van een verwijding van de slagader achter de bekneling (een zogenaamde post-stenotische dilatatie). Na TOD, waarbij de beknelling wordt opgeheven, is het niet altijd nodig de verwijde slagader te vervangen.

Na de operatie blijft u wel onder controle waarbij deze verwijding wordt gecontroleerd op eventuele groei. Soms is sprake van een evidente beknelling (taillering) van de slagader, zonder verder aantoonbaar letsel. In die gevallen wordt de beknelling opgeheven en kijken we in de weken na de operatie hoe het u vergaat. Mochten er dan toch nog kachten zijn, dan volgt alsnog een dotterprocedure (oprekken van het vat met een ballon, eventueel gecombineerd met een stentplaatsing).

Vragen/meer informatie

Heeft u na het lezen van bovenstaande informatie nog vragen over het ontstaan, de diagnose en/of de behandeling van TOS? Stuur dan een e-mail naar TOSexpert@catharinaziekenhuis.nl

Deel deze pagina