Bekkenproblemen bij vrouwen (Folder)

Bekkenbodemcentrum Gynaecologie
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Bekkenproblemen bij vrouwen (Folder)

Bekkenbodemklachten komen vaak voor, maar er wordt weinig over gepraat. Veel vrouwen vinden het lastig om problemen met plassen, de ontlasting of vrijen te bespreken. Ook denken veel vrouwen dat er toch weinig aan hun klachten te doen is. Of dat deze horen bij het ouder worden. Toch zijn er goede behandelingen voor bekkenbodemklachten. Het is daarom goed om uw klachten met uw huisarts, gynaecoloog of bekkenfysiotherapeut te bespreken.  Over bekkenbodemklachten is veel te vertellen. Wij beantwoorden hier de belangrijkste vragen. Daarnaast zijn er folders die dieper ingaan op verschillende aandoeningen en behandelingen.

In het kort

Het bekken zit onderin de buik. De bekkenbodem is de onderkant van het bekken. Het bestaat uit spieren en bindweefsel. De bekkenbodem zorgt ervoor dat de organen onderin de buik niet naar buiten vallen. Deze organen zijn de blaas, de baarmoeder en het laatste stuk van de darmen.

De bekkenbodem:

  • ondersteunt de bekkenorganen
  • geeft stabiliteit aan het bekken
  • zorgt voor het ophouden en doorlaten van urine en ontlasting
  • maakt seks mogelijk
  • maakt een geboorte mogelijk

Als de spieren en het bindweefsel van de bekkenbodem niet goed werken, kunnen verschillende problemen ontstaan. De blaas, baarmoeder en endeldarm kunnen naar beneden zakken. Dit noemen we een verzakking. Andere bekkenbodemklachten zijn problemen met plassen en met ontlasten.

Hoe werkt de bekkenbodem?

Het bekken is een soort trechter van botten. De blaas, de baarmoeder, de vagina en het eind van de darm liggen in het bekken. Of beter gezegd: ze hangen met banden aan de botten van het bekken. Tussen deze organen zit bindweefsel. De bekkenbodem is een laag spieren die de bodem van de trechter afsluit en de organen in het bekken ondersteunt. De bekkenbodem heeft een opening voor de plasbuis, de vagina en de anus.

Bekkenbodemspier

De laag spieren die de bekkenbodem afsluit noemen we de bekkenbodemspier. De bekkenbodemspier is altijd een beetje aangespannen. De spier sluit de plasbuis en de endeldarm af zonder dat u daar iets voor hoeft te doen. De endeldarm is het laatste stukje van de darm vlak boven de anus. U houdt zo ongemerkt plas en ontlasting op. Als u naar het toilet gaat ontspant de spier. Ook tijdens het vrijen is er ontspanning nodig van de bekkenbodemspier.

Plassen

Urine wordt opgevangen in de blaas. Als de blaas vol is, ontstaat aandrang om te plassen. De blaas en plasbuis worden door een kringspier afgesloten. De bekkenbodemspier en omliggend steunweefsel zorgen ervoor dat de blaas en de urinebuis op hun plaats blijven. Bij het plassen ontspannen de kringspier en de bekkenbodem. De blaas trekt zich samen waardoor urine naar buiten kan lopen.

Ontlasting

Als de endeldarm vol raakt met ontlasting, ontstaat aandrang. De ontlasting komt dieper in het bekken. De sluitpier bij de anus spant aan om zo de ontlasting te kunnen ophouden. Bij het poepen ontspant de sluitspier. De bekkenbodemspier kan ook helpen om de ontlasting op te houden. Op het toilet moet de spier wel ontspannen voor een goede lediging.

Klachten & procedures

U kunt de bekkenbodem vergelijken met het elastiek van een trampoline. Strak gespannen elastiek heeft weinig of geen veerkracht. Maar zonder spanning hangt het te los. Ook de bekkenbodem kan te slap zijn of juist te sterk aangespannen zijn.

Te slap of slecht bindweefsel

Als de spieren van de bekkenbodem niet goed werken, als het bindweefsel tussen de organen in het bekken niet goed meer is, kunnen problemen ontstaan met plassen en ontlasting. Er kan incontinentie ontstaan voor urine of ontlasting. De blaas, baarmoeder en endeldarm kunnen naar beneden zakken. De verzakking kan tussen de benen bij de vagina worden gevoeld. De verzakking kan een zeurend gevoel geven onder in de buik of onder in de rug.

Te gespannen

De bekkenbodemspier kan ook te gespannen zijn waardoor er pijn in de buik ontstaat of pijn bij het vrijen. Het uitplassen kan moeilijk zijn evenals het poepen.

Verschillende klachten

Veel vrouwen hebben verschillende klachten tegelijk. Een probleem in het ene orgaan kan gevolgen hebben voor een ander orgaan.

Plasklachten

Er zijn verschillende klachten die met het plassen te maken hebben zoals:

  • urineverlies
  • niet goed kunnen uitplassen
  • verlies meteen na het plassen
  • steeds aandrang hebben
  • heel vaak moeten plassen
  • vaak blaasontstekingen hebben
Klachten met ontlasting

Er zijn verschillende klachten die met de ontlasting te maken hebben zoals:

  • verlies van ontlasting
  • hevige aandrang voor ontlasting, niet kunnen uitstellen
  • het niet kunnen op houden van windjes
  • obstipatie
  • ontlasting niet goed kwijtraken
  • loze aandrang hebben
  • jeuk bij de anus hebben
Pijn

Bekkenbodemproblemen kunnen leiden tot pijn of irritatie zoals:

  • een irritant balgevoel tussen de benen bij de vagina
  • pijn bij zitten of fietsen, doordat de verzakking uit de vagina komt
  • pijn onder in de buik of rug
  • pijn bij gemeenschap
Seksuele problemen

Bekkenbodemproblemen kunnen leiden tot seksuele problemen zoals:

  • minder gevoel bij gemeenschap
  • urineverlies tijdens het vrijen of bij een orgasme
  • pijn bij gemeenschap
Andere oorzaken

Klachten zoals pijn, een zwaar gevoel onder in het bekken of rugpijn zijn lang niet altijd het gevolg van een verzakking of een te gespannen bekkenbodemspier. Veel voorkomende andere oorzaken zijn problemen met spieren en/of gewrichten, zoals klachten van de rug, heup of stuit. Darmklachten kunnen ook de oorzaak zijn van pijn onder in de buik. Psychische trauma’s of stress kunnen ook leiden tot darm- of rugklachten. Uw klachtenpatroon en het gynaecologisch onderzoek helpen de arts om met u een inschatting te maken of uw klachten het gevolg zijn van een bekkenbodemprobleem.

Gevolgen voor het dagelijks leven

Bekkenbodemproblemen zijn niet gevaarlijk maar vaak wel erg vervelend. Problemen met het plassen en de ontlasting hebben vaak nare gevolgen voor het dagelijks leven. Ernstige verzakkingen kunnen zeer hinderlijk zijn.

Aanpassingen

Veel vrouwen die last hebben van urineverlies houden rekening met hun kleding voor het geval dat het mis gaat. Zij moeten altijd een verschoning meenemen. Zij weten waar toiletten zijn. De klachten kunnen ook zo ernstig zijn dat zij stoppen met bepaalde activiteiten.

Wat kan niet meer?

Vrouwen stoppen bij voorbeeld hun favoriete sport. Als een vrouw vaak moet plassen, kan dit problemen geven bij reizen, familiebezoek en andere uitjes. Urineverlies tijdens gemeenschap ervaren vrouwen als zeer hinderlijk en remmen het plezier in seks.

Werk

Als er iets kan misgaan in gezelschap, maakt u dit onzeker. In huiselijke omstandigheden kunt u mogelijk wel praten over uw probleem. Maar op het werk kan dat lang niet altijd. Sommige vrouwen moeten van werk veranderen.

Begrip

Hoe erg u uw klachten vindt, hangt af van de ernst en hoe u er mee om kan gaan. Voor iedereen is het anders. Het is goed om te weten dat u met uw emotionele problemen terecht kunt bij uw huisarts, gynaecoloog, bekkenfysiotherapeut, seksuoloog of verpleegkundige.

Wie krijgen bekkenbodem problemen en waardoor?

Zowel mannen als vrouwen kunnen problemen hebben met de bekkenbodem. Vrouwen hebben vaker klachten. Dit heeft te maken met zwangerschap, bevalling en een andere bouw van de bekkenbodem.  Bekkenbodemproblemen komen veel voor.

Slappe of beschadigde bekkenbodem

Zwangerschap en bevalling

Tijdens de zwangerschap en bevalling staat er veel druk op de bekkenbodem. De spieren, het bindweefsel en het zenuwweefsel kunnen hierdoor beschadigen. Rondom de zwangerschap hebben vrouwen vaker last van urineverlies. Dat kan overgaan. Beschadigingen van de bekkenbodem kunnen ook pas op latere leeftijd problemen geven.

Leeftijd

Op oudere leeftijd worden de bekkenbodemspieren, net als de andere spieren, vaak zwakker. Dit komt deels doordat veel vrouwen de spieren minder intensief gebruiken en deels doordat de vrouwelijke hormonen na de overgang afnemen.

Zwaar lichamelijk werk, overgewicht, veel hoesten of persen

De druk in de buikholte is hoger als u vaak moet tillen of overgewicht hebt. Maar vooral hoesten en persen geeft een hoge buikdruk. Deze druk komt op de organen en hun banden in het bekken terecht. De druk leidt tot rekken van de spieren en de banden. De kans op verzakking wordt zo groter.

Aangeboren zwakte van bindweefsel

Sommige vrouwen hebben zwak bindweefsel. Dat zit vaak ‘in de familie’: oma, moeder en dochter hebben allemaal bekkenbodemklachten. Vrouwen met zwak bindweefsel hebben ook meer kans op spataders en liesbreuken.

Te gespannen bekkenbodem

Een te gespannen bekkenbodem zien we bij vrouwen van middelbare leeftijd en jongere vrouwen. Meisjes en vrouwen met een negatief gevoel over hun onderlichaam spannen hun bekkenbodemspieren vaak onwillekeurig te sterk. Dit kan komen door nare seksuele ervaringen of door een negatieve invloed door de opvoeding.
Overactiviteit kan ook ontstaan als reactie op pijn, zoals bijvoorbeeld bij een complicatie na een operatie. Er kan ook een relatie zijn met klachten van heupen en lage rug. Maar het komt ook nog aleens voor dat het niet duidelijk is wat de oorzaak is.

Welke aandoeningen?

Er zijn verschillende aandoeningen van de bekkenbodem. De meest voorkomende zijn verzakkingen en verlies van urine of ontlasting. Een overactieve bekkenbodem is een aandoening die tot problemen met urine, ontlasting en vrijen kan leiden.

Verzakkingen

Bij een verzakking zakken de organen in het bekken omlaag. Een verzakking kan aan de buitenkant tussen de benen zichtbaar zijn. Bij persen is dit vaak beter te zien. Er is of komt een bal te voorschijn. Als de verzakking minder groot is, kan de huisarts, gynaecoloog of bekkenfysiotherapeut de verzakking met het inwendig onderzoek vaststellen. Er worden verschillende verzakkingen onderscheiden. Vaak zijn verschillende organen tegelijk verzakt. De behandeling is afhankelijk van de ernst van de klachten en kan bestaan uit bekkenfysiotherapie, het gebruik van een ring of een operatie.

Voorwandverzakking

De voorkant van de vagina is naar beneden gezakt in het bekken. Omdat de blaas op een deel van deze voorwand rust, is de blaas ook verzakt. Dit noemen we ook wel cystocele.

Achterwandverzakking

De achterkant van de vagina is naar beneden gezakt in het bekken. Omdat endeldarm op een deel van deze achterwand ligt, is de endeldarm ook verzakt. Dit noemen we een rectocele. De dunne darm kan ook verzakken in deze ruimte. Dit heet enterocele.

Baarmoederverzakking

De baarmoeder is naar beneden gezakt in het bekken. Als de verzakking ver gevorderd is, kan de baarmoedermond in de vagina worden gezien.

Vaginatopverzakking

Als de baarmoeder verwijderd is, kan in het midden tussen de voor- en achterwand van de vagina de vaginatop verzakken.

Endeldarmverzakking

De endeldarm kan via de anus verzakken. Met persen kan er een stukje darm naar buitenkomen. Dit noemen we een uitwendige verzakking van de endeldarm. Als er alleen slijmvlies naar buitenkomt, dan spreken we nog niet van een endeldarmverzakking. De endeldarm kan ingestulpt zijn. Het laatste deel van de darm zit dan voor een deel in zich zelf verzakt. Dit noemen we een interne endeldarmverzakking.

Problemen met plassen

Stressincontinentie  ofwel inspanningsincontinentie

Bij stressincontinentie is er urineverlies bij bijvoorbeeld niezen, iets optillen, sporten of snel opstaan. Er is dan opeens veel druk in de buikholte. De behandeling is bekkenfysiotherapie en/of een operatie.

Aandrangincontinentie ofwel urge-incontinentie

Bij aandrangincontinentie heeft u plotseling aandrang en kan u het toilet niet op tijd halen. Dit kan voorkomen tijdens het openen van de deur of bij het horen van stromend water. De behandeling is bekkenfysiotherapie en/of medicijnen.

Gemengde incontinentievoor urine

Veel vrouwen hebben tegelijkertijd last van aandrang – en inspanningsincontinentie.

Ledigingsstoornis voor urine

Niet goed uitplassen kan het gevolg zijn van een te gespannen bekkenbodem, een verkeerde plastechniek of een voorwandverzakking. Er blijft urine achter in de blaas. Bij opstaan na toilet kan er opeens urineverlies zijn. Soms lukt het helemaal niet meer om te plassen. Dat kan bij een grote verzakking gebeuren. Een ring of een operatie kan hiervoor helpen. De bekkenfysiohterapuet kan u leren ontspannen te plassen. Door een betere plastechniek kan u zo de blaas leeg krijgen.

Overloopblaas

Als het uitplassen niet lukt door een afsluiting of doordat de blaasspier niet meer werkt, dan krijgt u een grote, volle blaas. De druk kan dan zo groot worden dat de afsluitende spier niet sterk genoeg is om urineverlies tegen te houden. Dan is er steeds iets urineverlies. Behandelingen zijn bekkenfysiotherapie. U leert in welke houding(en) en hoe u kan plassen. Op vaste tijden plassen kan ook helpen. Als een grote verzakking de oorzaak is, kan een ring of een operatie helpen. Als de spier niet meer goed werkt, kan u zelf de urine met een katheter laten weglopen.

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden