Okselkliertoilet (Folder)

Catharina Kanker Instituut Chirurgie
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Okselkliertoilet (Folder)

Borstkanker verspreidt zich doorgaans het eerst naar de lymfeklieren in de oksel (okselklieren). Vanuit deze klieren kan borstkanker zich verder in het lichaam uitzaaien. Soms moeten deze klieren daarom verwijderd worden. Dit heet een okselkliertoilet. Hierbij worden, in tegenstelling tot het schildwachtklieronderzoek, niet één maar alle lymfeklieren in de betreffende oksel verwijderd.

CHI000 A.png
Tekening van de lymfeklieren in de oksel

Meer informatie over het schildwachtklieronderzoek vindt u in de aparte brochure. Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders kan zijn dan hier is beschreven.

Voorbereiding

Omdat u onder volledige narcose wordt geopereerd, mag u vanaf 24.00 uur de nacht vóór de operatie niet meer eten, drinken of roken. U dient de te opereren oksel de dag voor deze ingreep thuis te scheren. De praktische gang van zaken tijdens een opname staat beschreven in de brochure ‘Opnamewijzer’ en de brochure over de afdeling Kortverblijf.

De operatie

Een okselkliertoilet is een operatie die onder volledige narcose wordt uitgevoerd. De chirurg maakt een snede van drie tot vijf centimeter in de oksel en verwijdert via deze opening de lymfeklieren. Na de ingreep wordt de wond gehecht met onderhuidse hechtingen. Op de huid worden zogenoemde ‘steristrips’ geplakt. Dit zijn pleisters die na enkele dagen vanzelf loslaten. U moet voor deze ingreep enkele dagen worden opgenomen op de afdeling Kortverblijf.

De verwijdering van de klieren uit de oksel kan op twee momenten in uw behandeling plaats vinden:

  • Tegelijk met de operatie aan de borst. Dit gebeurt als er in de diagnostische fase (de fase waarin alle onderzoeken hebben plaats gevonden om te ontdekken wat er aan de hand is) is gebleken dat er al kwaadaardige cellen in een okselklier zitten.
  • Na het onderzoeken van de schildwachtklier. Dit gebeurt als er tijdens de diagnostische fase geen kwaadaardige cellen in een okselklier zijn ontdekt maar in tweede instantie, bij nader microscopisch onderzoek van de schildwachtklier, wel. Dit betekent dan (helaas) een tweede operatie voor u.

Na de operatie

Drains

Om bloed, wond- en wondvocht weg te zuigen zijn tijdens de operatie één of twee dunne slangetjes (drains) in het operatiegebied aangebracht. De (mammacare) verpleegkundige legt u hier alles over uit. U krijgt een lijstje mee om bij te houden hoeveel vocht er per dag in het flesje is gelopen. De verwijdering van de drain(s) gebeurt op de polikliniek door de mammacare verpleegkundige. Daarnaast krijgt u oefeninstructies mee en een machtiging voor fysiotherapie, die na ongeveer een week mag starten.

Mogelijke complicaties

Geen enkele ingreep is vrij van de kans op complicaties. Zo zijn er ook bij okseloperaties de normale risico’s op complicaties. De meest voorkomende complicaties bij een borstoperatie zijn:

  • Direct na de operatie kan er een nabloeding ontstaan. Soms is dan een tweede operatie noodzakelijk om de bloeding te verhelpen.
  • Er kan een wondinfectie optreden. Soms is het nodig om de wond een beetje open te maken om de infectie te behandelen, soms zijn antibiotica voldoende.
  • Na de operatie en het verwijderen van de drain(s) kan het voorkomen dat er een opeenhoping van lymfevocht ontstaat (seroom). Dit vocht kan met behulp van een holle naald worden weggezogen. Dit is pijnloos omdat de omgeving van de wond nog gevoelloos is. Dit aanprikken kan nog tot enkele weken na het verwijderen van de drain nodig zijn.
  • De huid van de oksel wordt door het weghalen van de oksellymfeklieren geheel of gedeeltelijk gevoelloos. Dit gebeurt omdat er tijdens de operatie zenuwen beschadigd worden. Ook een deel van de borstwand en de bovenarm kunnen minder gevoelig of gevoelloos worden. Dit gebied ‘slaapt’. Dit vreemde gevoel kan tijdelijk zijn maar is meestal blijvend. De meeste mensen wennen er snel aan.
  • Heel soms worden de okselzenuwen beschadigd die verbonden zijn met de spieren van het schouderblad. Het schouderblad kan daardoor iets gaan uitsteken. Dit heet een afstaand schouderblad. Het is geen ernstige complicatie, wel kan het vervelend zijn. U krijgt dan (extra) fysiotherapie. Meestal kunt u na deze fysiotherapiebehandeling wel alle bewegingen maken die u voor de operatie kon maken.
  • Een vervelende complicatie is lymfoedeem. De hand of arm aan de geopereerde kant wordt in meer of mindere mate dik omdat er zich vocht in ophoopt. Vaak voelt de arm strak, zwaar, gespannen en moe aan. U kunt ook tintelingen in uw arm en hand voelen. Door de operatie aan de oksel kan lymfvocht moeilijker vanuit de arm en/of de hand worden afgevoerd. Hierdoor wordt de arm of hand dikker. Soms is de zwelling nauwelijks te zien, soms wordt de arm dik. Lymfoedeem kan meteen na de operatie optreden, maar ook pas na jaren. Het is belangrijk om meteen aan de bel te trekken als u tekenen van lymfoedeem bemerkt. Hoe eerder het ontdekt wordt, des te beter is het te behandelen. Meer informatie hierover vindt u in de brochure hierover.

Het ontslag

Meestal kunt u na twee of drie dagen weer naar huis. Bij ontslag krijgt u een afspraak mee voor het bespreken van de uitslag bij de chirurg op de polikliniek. Ook krijgt u een telefonische afspraak mee met de mammacare verpleegkundige voor de dag na uw ontslag. Tijdens dit gesprek bespreekt de mammacare verpleegkundige met u hoe het met u gaat en worden verdere afspraken gemaakt over het verwijderen van de drain.

Wanneer moet u contact opnemen?

Het is belangrijk om bij roodheid, zwelling van de borst of koorts contact op te nemen, tijdens kantooruren met uw behandelend specialist, Nurse Practitioner of mammacare verpleegkundige via de polikliniek Oncologie. Buiten kantooruren kunt u contact opnemen met de afdeling Spoed Eisende Hulp (SEH).

De uitslag en aanvullende behandeling

De verwijderde okselklieren worden microscopisch onderzocht door een patholoog in het laboratorium. Na twee weken (soms iets langer) zijn de uitslagen hiervan bekend. Elke donderdag vindt in het Catharina Ziekenhuis het zogeheten Multi Disciplinair Mamma Overleg plaats. Daar bespreken de chirurg, internist-oncoloog, radiotherapeut, radioloog, patholoog, Nurse Practitioner en mammacare verpleegkundigen de bevindingen van de onderzoeken en behandelingen. Zij beoordelen gezamenlijk welke nabehandeling voor u de beste is. Naar aanleiding van deze bevindingen kan een aanvullende behandeling worden geadviseerd, zoals radiotherapie (bestraling), hormonale therapie en/of chemotherapie (behandelingen met geneesmiddelen). Na deze bijeenkomst informeert de behandelend chirurg u hierover tijdens uw controle-afspraak op de polikliniek. Het is verstandig om een vertrouwd persoon mee te nemen naar deze en andere afspraken.

Lotgenotencontact

Heeft u tijdens uw behandeling of daarna behoefte om met iemand te praten die dezelfde borstoperatie heeft ondergaan, geeft u dat dan door aan de mammacare verpleegkundige of Nurse Practitioner. Ook kunt u contact opnemen met een lotgenote als u weer thuis bent. Dit kan bijvoorbeeld via de Borstkanker Vereniging Nederland.
Borstkanker Vereniging Nederland
Postbus 8065, 3503 RB Utrecht
Tel : 030-2917222
E-mail: borstkankervereniging@wirehub.nl
Website: www.kankerpatient.nl/BVN

Vragen

Een borstoperatie betekent een ingrijpende verandering in uw leven die niet gemakkelijk is en waarmee u moet leren omgaan. Duidelijke voorlichting, een goede voorbereiding op de operatie en goede begeleiding na afloop zijn hierbij van groot belang. De chirurg, de Nurse Practitioner mammacare en de mammacare verpleegkundigen kunnen u daarbij helpen en ondersteunen. Heeft u nog vragen, stel ze dan gerust.

Bij dringende vragen of problemen vóór uw behandeling kunt u zich het beste wenden tot de Nurse Practitioner. Wanneer zich thuis ná de operatie problemen voordoen, neem dan contact op met of de Nurse Practitioner of de mammacare verpleegkundige.

Contactgegevens

Catharina Ziekenhuis
Telefoon 040 – 239 91 11
www.catharinaziekenhuis.nl

Spoedeisende Hulp
040 – 239 96 00

Mammacare verpleegkundige
040 – 239 75 66
tussen 09.00 en 10.00 uur

Nurse Practitioner mammacare
040 – 239 66 00, tijdens kantooruren.

Routenummer(s) en overige informatie over de afdeling Chirurgie kunt u terugvinden op www.catharinaziekenhuis.nl/chirurgie.

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden