Thuisbehandeling (Folder)

Catharina Kanker Instituut
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Thuisbehandeling (Folder)

Zoals de behandelend specialist met u heeft afgesproken, wordt u de komende tijd behandeld via een infuus en draagbaar pompje. Technische ontwikkelingen hebben het mogelijk gemaakt dat deze behandeling kan plaatsvinden in uw eigen omgeving. De draagbare CADD-1, CADD-Legacy of CADD-Prizm pomp is speciaal ontworpen om thuis geneesmiddelen toe te dienen via een infuus. U kunt zich hierdoor vrij bewegen in uw eigen omgeving met voortzetting van uw dagelijkse activiteiten. 

Uw behandelend specialist en verpleegkundige vragen een pomp aan bij uw zorgverzekeraar. Als die toestemming geeft krijgt u een pomp in bruikleen. Geeft uw zorgverzekeraar geen toestemming dan zoeken de specialist en verpleegkundige naar een oplossing om uw thuisbehandeling toch door te laten gaan.

Let op: Na afloop van de behandeling dient u de pomp weer terug te geven aan de leverancier.

Wanneer de cassette vervangen moet worden is afhankelijk van de inloopsnelheid en de hoeveelheid geneesmiddel in de cassette. Het vervangen van de cassette gebeurt in het ziekenhuis of bij u thuis.

Afspraken hierover maakt uw specialist of verpleegkundige met u persoonlijk.

Elektronische poortjes (onder andere bij winkels) hebben geen invloed op de werking van de pomp.

Deze brochure behandelt per pomp de volgende onderwerpen: algemene informatie over de pomp, de gebruiksaanwijzing, de dagelijkse verzorgingsinstructies en wat u moet doen bij alarmeringen.

Voor u is alleen de informatie die gaat over het type pomp dat u heeft meegekregen van belang.

U heeft de volgende pomp (omcirkelen wat van toepassing is):

  • CADD-1
  • CADD-Legacy 1
  • CADD-Prizm

Gebruiksaanwijzing CADD-1 pomp

CADD-1 Pump Model 5100
Afbeelding CADD-1 pomp

 

Algemene informatie over de infuuspomp

Onderdelen van de pomp

De pomp bestaat uit de volgende onderdelen:

  • de pomp
  • een computer met een programma
  • een batterij (1x 9 volt)
  • een cassette gevuld met de geneesmiddeloplossing
  • een toedieningsslang
  • een draagtasje

Let op: U mag de bijgeleverde adapter niet gebruiken, dit heeft te maken met de verzekering.

Werking pomp

Een batterij leveren de stroom voor de pomp. De specialist of verpleegkundige plaatst deze in de achterkant van de pomp. De pomp doorloopt dan eerst zelf het programma en laat een aantal piepjes horen als alles in orde is.

De behandelend arts of verpleegkundige:

  • bevestigt de cassette, gevuld met geneesmiddel, aan de pomp;
  • stelt de juiste dosering in;
  • vult de toedieningsslang met de vloeistof uit de cassette;
  • voert de beveiliging met een code in zodat de ingevoerde instellingen niet gewijzigd kunnen worden;
  • zet de pomp in de START-positie.

Hierna wordt het geneesmiddel uit de cassette via de toedieningsslang naar uw lichaam vervoerd.

De pomp is uitgerust met een aantal waarschuwingssystemen. De pomp geeft pieptonen als:

  • de batterij bijna leeg is;
  • de motor defect raakt;
  • de cassette bijna leeg is;
  • het inlopen van het geneesmiddel geblokkeerd wordt.
Beeldscherm

Op het beeldscherm van de pomp worden de verschillende mogelijkheden aangegeven, zoals:

RES.VOL: (=reservoir volume) inhoud van de cassette met de geneesmiddeloplossing in milliliters (ml);

RATE: geeft het aantal milliliters per 24 uur aan;

GIVEN: geeft aan hoeveel milliliters geneesmiddeloplossing gegeven zijn;

ML: als deze letters knipperen, loopt de pomp;

STOP: als dit woord verschijnt, staat de pomp stil;

LO BAT: de batterij moet vervangen worden;

HIP: (high pressure = hoge druk) verstopping, de slang klemt af;

EEE: het motorische gedeelte is defect, de pomp stopt.

Toetsen

De toetsen die voor u van belang zijn:

STOP/START-toets om de pomp aan of uit te zetten

SELECT MODE-toets om de in de pomp aanwezige waarden:

  • op te roepen;
  • zichtbaar te maken op het beeldscherm.

Let op: Door het gebruik van deze toetsen kunt u het ingestelde programma niet veranderen!

De pomp is door de behandelend arts of verpleegkundige zodanig ingesteld en beveiligd dat u zelf niets aan de ingestelde waarden kan veranderen.

Verwisselen en plaatsen van de batterij

Aan de achterzijde van de pomp zit een vakje voor de batterij. Het kleine schuifje verschuift u naar rechts om het te openen en naar links om te sluiten.

Bij het plaatsen van de batterij moet u er op letten, dat de + en de – op de juiste plaats in de pomp komen. Als u de batterij goed plaatst, hoort u direct een piepje. De onderkant van de batterij moet u eerst plaatsen. Als de batterij en het plastic schuifje zijn aangebracht controleert de pomp automatisch elke functie. Als alles in orde is hoort u aan het eind van de test een aantal piepjes.

De pomp is nu gereed voor gebruik. Omdat de pomp automatisch stopt bij het verwijderen van de batterij(en), moet u de pomp weer in werking stellen door de STOP/START– toets in te drukken.

Let op: De gebruiksduur van de batterij is afhankelijk van de inloopsnelheid van de geneesmiddeloplossing. Om te voorkomen dat u ’s nachts verrast wordt door een lege batterij, kunt u voor het verwisselen van de batterij het beste een vaste dag en tijdstip aanhouden (bijvoorbeeld het moment dat u ook de cassette verwisselt).

TIPS:

  • Altijd een nieuwe batterij reserve houden.
  • Als u wat langere tijd van huis gaat, neem dan een nieuwe batterij mee.
  • Geen oplaadbare batterij gebruiken. Als de batterij onvoldoende is opgeladen kan de werking van de pomp onbetrouwbaar worden.

BELANGRIJK: Na het verwisselen van de batterij altijd de START-toets indrukken en het programma volgen om de pomp weer op te starten.

2.6 Aan- en uitzetten van de pomp CADD-1

Aanzetten
Om de pomp aan te zetten, moet u de STOP/START-toets enkele seconden ingedrukt houden. Er verschijnen dan drie streepjes naast elkaar op het scherm, die één voor één verdwijnen.

                    — — —

Als het laatste streepje verdwenen is, kunt u de STOP/START-toets loslaten.

De pomp loopt het programma nog even door ( bij iedere stap 1 piepje) en begint daarna te lopen.

De pomp werkt als de letters: ML rechts in het beeldscherm afwisselend aan en uit gaan.

                        ml

res.vol

 

Uitzetten
Om de pomp uit te zetten, moet u de STOP/START-toets enkele seconden ingedrukt houden. Er verschijnen dan één voor één drie streepjes naast elkaar op het scherm waarna u de STOP/START-toets kunt loslaten.

In de stop-stand knippert het woord STOP links onderaan in het beeldscherm.

stop

Om u eraan te herinneren dat de pomp in de stop-stand staat, hoort u om de vijf minuten een aantal piepjes.

In de stop-stand pompt de pomp niet meer, het programma blijft wel zichtbaar in het beeldscherm.

Om de pomp helemaal uit te zetten, moet u de batterij verwijderen.

Let op: Als u ziet dat het reservoir volume (RES.VOL) minder dan 5 ml aangeeft en de pomp extra piepjes laat horen, is dat geen reden om de pomp uit te zetten (dit om verstopping van het toedieningssysteem te voorkomen).

Uw controle afspraak is zodanig gepland dat u zowel in het ziekenhuis als thuis geholpen kunt worden voordat de cassette leeg is.

Dagelijkse verzorgingsinstructies

Algemeen onderhoud van de pomp

  • Het is belangrijk dat de pomp droog blijft.
    Leg de pomp bij het douchen of in bad gaan zodanig weg dat hij niet nat kan worden. Als toch vocht op de pomp komt, droog hem dan zorgvuldig af.
    U kunt tijdens uw thuisbehandeling niet zwemmen of naar de sauna.
  • U dient voorzichtig met de pomp om te gaan om beschadiging te voorkomen.
  • Tijdens het gebruik dient u de pomp tegen kou te beschermen. Sommige geneesmiddelen kristalliseren bij een lage temperatuur (lager dan 15 graden Celsius) en hierdoor kan de pomp beschadigen. Bij koud weer kunt u de pomp beschermen door hem in een draagtasje onder uw kleding te dragen.
    U dient de pomp ook te beschermen tegen een te hoge temperatuur (hoger dan 40° Celsius).

Dagelijkse controle van de pomp en toedieningsslang

  • U kijkt 2x per dag of de pomp goed werkt. Dit kunt u zien aan de letters ML, die afwisselend aan en uit gaan (de pomp loopt).
  • U kijkt of de inhoud van de cassette afneemt. Dit controleert u door op het beeldscherm te kijken of het getal van het reservevolume is verminderd ten opzichte van de beginstand en daarna ten opzichte van de laatst gecontroleerde stand.
    Bovendien kunt u in de cassette de inhoud van het zakje met geneesmiddel zien. Dit moet leger worden.
  • Zorg dat er geen spanning op de toedieningsslang komt te staan of dat de slang wordt afgeknikt.
  • U controleert de toedieningsslang op lekkage.

Dagelijkse controle van de insteekplaats

Als u een infuus in de arm heeft, controleert u twee keer per dag:

  • of u last hebt van de naald;
  • of de huid rood, gezwollen of geïrriteerd is;
  • of het afdekmateriaal van de insteekplaats is blijven zitten en droog is.

Als u een centrale veneuze toegangspoort (CVT) heeft, controleert u twee keer per dag:

  • of de huid rood, gezwollen of geïrriteerd is;
  • of het afdekmateriaal van de insteekplaats is blijven zitten en droog is.

Pijn bij de insteekplaats

Als u heftige pijn heeft bij de insteekplaats dient u:

  • de toedieningsslang af te klemmen met het plastic klemmetje
  • de pomp in de STOP-stand te zetten
  • onmiddellijk uw huisarts, wijkverpleegkundige of de verpleegkundige in het ziekenhuis te waarschuwen.

De pijn kan betekenen dat het geneesmiddel niet in uw bloedvat maar daarnaast terecht komt.

Hoe te handelen bij alarmeringen van pomp CADD-1
ALARM PROBLEEM WAT TE DOEN?
Onafgebroken pieptoon
LOBAT‘ verschijnt op het scherm met een onafgebroken pieptoon De batterij is leeg. De pomp stopt. Onmiddellijk de batterij vervangen (zorg dus voor een reservebatterij).
Onafgebroken pieptoon en op het scherm verschijnt ‘HIP Verstopping, de slang wordt ergens afgeknikt. Stop de pomp,

kijk waar de slang geknikt is en zorg dat deze weer goed komt te liggen.

Zet de pomp in ‘START’- positie.

Onafgebroken pieptoon en er verschijnt ‘EEE‘ op het scherm Motorisch gedeelte is defect. Pomp stopt. Verwijder de batterij en neem contact op met het ziekenhuis of met de leverancier van de pomp.
De pomp geeft series van piepjes
3 piepjes elke 5 min. en ‘LOBAT‘ verschijnt op het scherm De batterij is bijna leeg, maar de pomp werkt nog. Batterij vervangen en pomp weer in ‘START’- positie zetten.
3 piepjes en ‘RES.VOL‘ knippert op het scherm Reservoir is bijna leeg (minder dan 5 ml) U neemt contact op met uw huisarts, wijkverpleegkundige of ziekenhuis.
2 piepjes elke 2 seconde en ‘RES.VOL‘ en ‘STOP‘ knipperen op het scherm Reservoir is leeg. U neemt contact op met uw huisarts, wijkverpleegkundige of ziekenhuis.
3 piepjes elke 5 minuten De pomp staat stil (in ‘STOP‘-positie) Indien gewenst, pomp aanzetten (in ‘START
-positie).

Als u niet weet wat er mis is, of u kunt het niet oplossen, neem dan onmiddellijk contact op met uw huisarts, wijkverpleegkundige of de verpleegkundige in het ziekenhuis via het 24-uurs steunpunt.

Gebruiksaanwijzing CADD-Legacy 1 pomp

ONC009 B.png
Afbeelding CADD-Legacy 1 pomp

Algemene informatie over de infuuspomp

De pomp bestaat uit de volgende onderdelen:

  • De pomp
  • Een computer met een programma
  • Batterijen (2x 1.5 volt)
  • Een cassette gevuld met de geneesmiddeloplossing
  • Een toedieningsslang
  • Een draagtasje

Let op: U mag de bijgeleverde adapter niet gebruiken, dit heeft te maken met de verzekering.

De CADD-Legacy 1 pomp heeft 2 programma’s:

  • Continue
  • Intermitterend

Werking pomp
Batterijen leveren de stroom voor de pomp. De specialist of verpleegkundige plaatst deze in de achterkant van de pomp.

De pomp doorloopt dan eerst zelf het programma en laat een aantal piepjes horen als alles in orde is.

De behandelend arts of verpleegkundige:

  • Bevestigt de cassette, gevuld met geneesmiddel, aan de pomp.
  • Stelt de juiste dosering in.
  • Vult de toedieningsslang met de vloeistof uit de cassette.
  • Voert de beveiliging met een code in zodat de ingevoerde instellingen niet gewijzigd kunnen worden.
  • Zet de pomp in de START-positie. Hierna wordt het geneesmiddel uit de cassette via de toedieningsslang naar uw lichaam vervoerd.

De pomp is uitgerust met een aantal waarschuwingssystemen. De pomp geeft pieptonen als:

  • de batterij bijna leeg is;
  • de motor defect raakt;
  • de cassette bijna leeg is;
  • het inlopen van het geneesmiddel geblokkeerd wordt.
Beeldscherm

Op het beeldscherm van de pomp worden de verschillende mogelijkheden aangegeven, zoals:

RESERVEVOLUME: inhoud (in milliliters) van de cassette met de geneesmiddeloplossing;

CONTINU SNELHEID: geeft het aantal milliliters (ml) per 24 uur;

TOEGEDIEND: geeft aan hoeveel milliliters geneesmiddeloplossing gegeven zijn;

LUCHTDETECTOR: oog dat signaleert als er lucht in de toedieningsslang zit (Uit, Aan-hoog of Aan-laag);

OPWAARTSE SENSOR: oog voor het signaleren van een afsluiting (uit of aan).

Toetsen

De toetsen die voor u van belang zijn:

STOP/START-toets om de pomp aan of uit te zetten

VOLGENDE-toets om de in de pomp aanwezige waarden:

  • op te roepen;
  • zichtbaar te maken op het beeldscherm.

Let op: Door het gebruik van deze toetsen kunt u het ingestelde programma niet veranderen!

De pomp is door de behandelend arts of verpleegkundige zodanig ingesteld en beveiligd dat u zelf niets aan de ingestelde waarden kan veranderen.

3.5 Verwisselen en plaatsen van de batterijen

Aan de achterzijde van de pomp zit een vakje voor de batterijen. Het kleine schuifje verschuift u naar rechts om het te openen en naar links om te sluiten.

Bij het plaatsen van de batterijen moet u er op letten dat de + en de – op de juiste plaats in de pomp komen. Als u de batterijen goed plaatst, hoort u direct een piepje.

Als de batterijen en het plastic schuifje zijn aangebracht controleert de pomp automatisch elke functie. Als alles in orde is hoort u aan het eind van de test een aantal piepjes. De pomp is nu gereed voor gebruik. Omdat de pomp automatisch stopt bij het verwijderen van de batterijen, moet u de pomp weer in werking stellen door de STOP/START– toets in te drukken.

Let op: De gebruiksduur van de batterijen zijn afhankelijk van de inloopsnelheid van de geneesmiddeloplossing. Om te voorkomen dat u ’s nachts verrast wordt door lege batterijen, kunt u voor het verwisselen van de batterijen het beste een vaste dag en tijdstip aanhouden (bijvoorbeeld het moment dat u ook de cassette verwisselt).

TIPS:

  • altijd nieuwe batterijen reserve houden;
  • als u wat langere tijd van huis gaat, neem dan een nieuwe batterij mee;
  • geen oplaadbare batterijen gebruiken. Als de batterijen onvoldoende zijn opgeladen kan de werking van de pomp onbetrouwbaar worden.

BELANGRIJK: Na het verwisselen van de batterijen altijd de START-toets indrukken en het programma volgen om de pomp weer op te starten.

3.6 Aan- en uitzetten van de pomp CADD-Legacy 1

Aanzetten
Om de pomp aan te zetten, moet u de STOP/START-toets enkele seconden ingedrukt houden. Er verschijnen dan drie streepjes naast elkaar op het scherm, die één voor één verdwijnen met telkens één pieptoon.

                           – – –

Als het laatste streepje verdwenen is, kunt u de STOP/START-toets loslaten.

De pomp loopt het programma nog even door (bij iedere stap 1 piepje) en begint daarna te lopen.

De pomp werkt als de letters: LOOPT rechts in het beeldscherm verschijnen.

                                         loopt

 

Uitzetten
Om de pomp uit te zetten, moet u de STOP/START-toets enkele seconden ingedrukt houden. Er verschijnen dan één voor één drie streepjes naast elkaar op het scherm, die één voor één verdwijnen met telkens één pieptoon  waarna u de STOP/START-toets kunt loslaten.

In de stop-stand, verschijnt het woord STOP links onderaan in het beeldscherm.

stop

Om u eraan te herinneren, dat de pomp in de stop-stand staat, hoort u om de vijf minuten een aantal piepjes.

In de stop-stand pompt de pomp niet meer; het programma blijft wel zichtbaar in het beeldscherm. Om de pomp helemaal uit te zetten, moet u de batterijen verwijderen.

3.7 Dagelijkse verzorgingsinstructies
Algemeen onderhoud van de pomp
  • Het is belangrijk dat de pomp droog blijft.
    Leg de pomp bij het douchen of in bad gaan zodanig weg dat hij niet nat kan worden. Als toch vocht op de pomp komt, droog hem dan zorgvuldig af.
    U kunt tijdens uw thuisbehandeling niet zwemmen of naar de sauna.
  • U dient voorzichtig met de pomp om te gaan om beschadiging te voorkomen.
  • Tijdens het gebruik dient u de pomp tegen kou te beschermen. Sommige geneesmiddelen kristalliseren bij een lage temperatuur (lager dan 15° Celsius) en hierdoor kan de pomp beschadigen. Bij koud weer kunt u de pomp beschermen door hem in een draagtasje onder uw kleding te dragen.
    U dient de pomp ook te beschermen tegen een te hoge temperatuur (hoger dan 40° Celsius).
Dagelijkse controle van de pomp en toedieningsslang
  • U kijkt 2x per dag of de pomp goed werkt. Dit kunt u zien aan de letters LOOPT.
  • U kijkt of de inhoud van de cassette afneemt. Dit controleert u door op het beeldscherm te kijken of het getal van het reservevolume is verminderd ten opzichte van de beginstand en daarna ten opzichte van de laatst genoteerde stand.[LF]Bovendien kunt u in de cassette de inhoud van het zakje met geneesmiddel zien. Dit moet leger worden.
  • Zorg dat er geen spanning op de toedieningsslang komt te staan of dat de slang wordt afgeknikt.
  • U controleert de toedieningsslang op lekkage.
Dagelijkse controle van de insteekplaats

Als u een infuus in de arm heeft, controleert u twee keer per dag:

  • of u last hebt van de naald;
  • of de huid rood, gezwollen of geïrriteerd is;
  • of het afdekmateriaal van de insteekplaats is blijven zitten en droog is.

Als u een centrale veneuze toegangspoort (CVT) heeft, controleert u twee keer per dag:

  • of de huid rood, gezwollen of geïrriteerd is;
  • of het afdekmateriaal van de insteekplaats is blijven zitten en droog is.
Pijn bij de insteekplaats

Als u heftige pijn heeft bij de insteekplaats dient u:

  • de toedieningsslang af te klemmen met het plastic klemmetje;
  • de pomp in de STOP-stand te zetten;
  • onmiddellijk uw huisarts, wijkverpleegkundige of de verpleegkundige in het ziekenhuis te waarschuwen.[LF]De pijn kan betekenen dat het geneesmiddel niet in uw bloedvat maar daarnaast terecht komt.
3.8 Hoe te handelen bij alarmeringen van pomp CADD-Legacy 1
ALARM Bericht WAT TE DOEN?
Drie tweetonige pieptonen om de 5 minuten De batterij is ongeveer leeg. De pomp werkt nog wel. Vervang de batterij.
Tweetonig alarm De batterij is bijna leeg. De pomp staat stil. 1.Vervang de batterij onmiddellijk.

2. Houd stop/start-knop ingedrukt om de pomp opnieuw te starten.

Tweetonig alarm Batterij is verwijderd. Pomp loopt niet. U probeert de pomp te starten met lege batterijen. De pomp staat stil. Druk de stop/start of volgende knop in om het alarm te onderdrukken. Vervang de batterijen. Houd stop/start knop ingedrukt om de pomp opnieuw te starten.
Tweetonig alarm Fout Er is een fout opgetreden.

Zet de pomp uit en neem contact op met de klantenservice om de pomp te retourneren.

Tweetonig alarm Geen bericht De batterijen zijn verwijderd binnen 15 seconden nadat de pomp gestopt was. Breng de batterijen opnieuw in het apparaat om het alarm te onderdrukken of wacht tot alarm na korte tijd stopt.
Tweetonig alarm Hoge druk De pomp heeft hoge druk waargenomen die veroorzaakt kan zijn door een neerwaartse obstructie, een knik in de infuuslijn of afgesloten lijnklem. Druk op volgende of op stop/start-knop om de pomp te stoppen en het alarm 2 minuten te onderdrukken. Verwijder de obstructie en start de pomp opnieuw.
Drie enkele pieptonen Loopt, Res.Vol ongeveer leeg Het reservoirvolume is laag. Neem contact op met uw huisarts, wijkverpleegkundige of verpleegkundige van het ziekenhuis.
Tweetonig alarm Lucht in de lijn waargenomen De luchtdetector heeft lucht waargenomen of de lijn loopt niet goed door de luchtdetector. Druk op volgende of op stop/start-knop om het alarm te onderdrukken; controleer daarna of de lijn goed is aangebracht.[LF]Als de infuuslijn belletjes bevat moeten de klemmen worden gesloten en de infuuslijn van de patiënt worden losgekoppeld. Ontlucht eventueel de infuuslijn door te primen (door de huisarts, wijkverpleegkundige of verpleegkundige van het ziekenhuis).
Tweetonig alarm Opwaartse occlusie Er stroomt geen vloeistof van het reservoir naar de pomp. Controleer of er een knik in de lijn zit en of er een afgesloten klem is tussen het reservoir en de pomp. Druk op volgende of op stop/start-knop om de pomp te stoppen en het alarm 2 minuten te onderdrukken. Verwijder de obstructie en druk op de stop/start knop om de pomp opnieuw te starten
Tweetonig alarm Reservoirvolume leeg Reservoirvolume heeft 0,0 ml bereikt. Druk op stop/start of volgende-knop om het alarm te stoppen. Laat het reservoir vervangen indien van toepassing en opnieuw instellen.
Tweetonig alarm Service nodig Het is tijd voor een onderhoudsbeurt van de pomp. De pomp dient binnen 60 dagen te worden nagekeken.
Tweetonig alarm Toets zit vast, toets loslaten Als een toets is ingedrukt moet deze worden losgelaten. Als het alarm aanhoudt, moet de lijnklem worden afgesloten en de pomp buiten bedrijf worden gesteld. Neem contact op met de huisarts, wijkverpleegkundige of verpleegkundige van het ziekenhuis. Zij nemen contact op met de klantenservice om de pomp te laten vervangen.

Als u niet weet wat er mis is of u kunt het probleem niet oplossen, neem dan onmiddellijk contact op met uw huisarts, wijkverpleegkundige of de verpleegkundige in het ziekenhuis via het 24-uurs steunpunt.

De onderstaande CADD Legacy pompen hebben een software wijziging ondergaan waardoor er alarmering aan toegevoegd is.

Pomp model Beschrijving Software Versie
6300 CADD Legacy PCA 97-0303-06H
6400 CADD Legacy 1 97-0304-06E
6500 CADD Legacy PLUS 97-0305-06E

 

  • Twee tonen – Lang-Kort
  • Scherm toont huidige pomp status[LF](Cassette is geplaatst)
  • De cassette werd niet goed geplaatst op de pomp;
  • De cassette is beschadigd;
  • Een slecht functioneren van de pompsensoren zich voordoet.
  • Wijzig de positie van de pomp en cassette om de aanwezige druk te verwijderen en het alarm uit te zetten.

NOOT: als door wijzigen van de positie het alarm niet wordt uitgezet binnen 2 minuten, dan geeft de pomp in het display aan: ‘Geen disposable, klem lijnen af’.

  • Twee tonen – Lang-Kort
  • Scherm toont huidige pomp status[LF](Er is geen cassette geplaatst)
  • Slecht functioneren van de pompsensoren.
  • Als het alarm aanhoudt, neem contact op met uw verpleegkundige in het ziekenhuis of de wijkverpleegkundige.
  • Tweetonig alarm
  • Scherm geeft aan:[LF]‘Geen disposable, klem lijnen af’.
  • De cassette werd verwijderd;
  • De cassette is niet aan de pomp bevestigd;
  • De cassette is beschadigd;
  • Slecht functioneren van de pompsensoren.
  • Klem onmiddellijk de lijnen af. Druk op stop/start of volgende om het alarm uit te zetten.
  • Als het alarm aanhoudt, neem contact op met uw verpleegkundige in het ziekenhuis of de wijkverpleegkundige.
  • Tweetonig alarm
  • Scherm geeft aan:[LF]‘Geen disposable, pomp loopt niet’
Tijdens het opstarten van de pomp:
  • Er is geen cassette geplaatst;
  • De cassette is niet juist geplaatst aan de pomp;
  • De cassette is beschadigd;
  • Slecht functioneren van de pompsensoren.
  • Een disposable moet juist worden geplaatst om de pomp te laten werken.
  • Druk op stop/start of volgende om het alarm uit te zetten.
  • Neem ten allen tijde contact op met uw verpleegkundige in het ziekenhuis of de wijkverpleegkundige.

Het voorkomen of verminderen van het ‘geen disposable’ alarm:

Voorkom frictie tussen de pomp en de cassette door er niet tegen aan te duwen, tegen te gaan zitten of er op te gaan liggen.

Als u de pomp meeneemt in een draagtas of koeltas, moet u opletten dat de positie van de pomp in de tas zodanig is dat er geen druk op de pomp en cassette staat.

Als het tweetonige (lang-kort) alarm van de pomp overgaat, controleert u de pomp en de cassette en verwijdert alle mogelijk aanwezige druk. Aanpassingen van de pomp/cassette zal het alarm uitzetten.

4. Gebruiksaanwijzing CADD-Prizm pomp

4.1 Afbeelding van de CADD-Prizm pomp

CADD-1 Pump Model 5100

 

4.2 Algemene informatie over de infuuspomp

De pomp bestaat uit de volgende onderdelen:

  • De pomp
  • Een computer met een programma
  • Een batterij (1x 9 volt)
  • Een cassette gevuld met de geneesmiddeloplossing
  • Een toedieningsslang
  • Een draagtasje

Let op: U mag de bijgeleverde adapter niet gebruiken, dit heeft te maken met de verzekering.

Werking pomp

Een batterij levert de stroom voor de pomp. De specialist of verpleegkundige plaatst deze in de zijkant van de pomp.

De pomp doorloopt dan eerst zelf het programma en laat een aantal piepjes horen als alles in orde is.

De behandelend arts of verpleegkundige:

  • bevestigt de cassette, gevuld met geneesmiddel, aan de pomp;
  • stelt de juiste dosering in;
  • vult de toedieningsslang met de vloeistof uit de cassette;
  • voert de beveiliging met een code in zodat de ingevoerde instellingen niet gewijzigd kunnen worden;
  • zet de pomp in de START-positie.

Hierna wordt het geneesmiddel uit de cassette via de toedieningsslang naar uw lichaam vervoerd.

De pomp is uitgerust met een aantal waarschuwingssystemen. De pomp geeft pieptonen als:

  • de batterij bijna leeg is;
  • de motor defect raakt;
  • de cassette bijna leeg is;
  • het inlopen van het geneesmiddel geblokkeerd wordt.
4.3 Beeldscherm

Op het beeldscherm van de pomp worden de verschillende mogelijkheden aangegeven, zoals:

RESERVEVOLUME:
inhoud van de cassette met de geneesmiddeloplossing

CONTINU SNELHEID:
geeft ml per uur

MILLILITER TOEGEDIEND:
geeft aan wat er gegeven is aan geneesmiddeloplossing

LUCHTDETECTOR:
oog wat signaleert als er lucht in de toedieningsslang (aan of uit) zit

4.4 Toetsen

De toetsen die voor u van belang zijn:

STOP/START-toets om de pomp aan of uit te zetten

VOLGENDE-toets om de in de pomp aanwezige waarden:

  • op te roepen;
  • zichtbaar te maken op het beeldscherm.

Let op: Door het gebruik van deze toetsen kunt u het ingestelde programma niet veranderen!

De pomp is door de behandelend arts of verpleegkundige zodanig ingesteld en beveiligd dat u zelf niets aan de ingestelde waarden kunt veranderen.

4.5 Verwisselen en plaatsen van de batterij

Aan de zijkant van de pomp zit een vakje voor de batterij. Het kleine schuifje verschuift u naar rechts om het te openen en naar links om te sluiten.

Bij het plaatsen van de batterij moet u er op letten, dat de + en de – op de juiste plaats in de pomp komen. Als u de batterij goed plaatst hoort u direct een piepje.

De onderkant van de batterij moet u eerst plaatsen.

Als de batterij en het plastic schuifje zijn aangebracht controleert de pomp automatisch elke functie. Als alles in orde is, hoort u aan het eind van de test een aantal piepjes.

De pomp is nu gereed voor gebruik. Omdat de pomp automatisch stopt bij het verwijderen van de batterij, moet u de pomp weer in werking stellen door de STOP/START– toets in te drukken.

Let op: De gebruiksduur van de batterij is afhankelijk van de inloopsnelheid van de geneesmiddeloplossing.

Om te voorkomen dat u ’s nachts verrast wordt door een lege batterij, kunt u voor het verwisselen van de batterij het beste een vaste dag en tijdstip aanhouden (bijvoorbeeld het moment dat u ook de cassette verwisselt).

TIPS:

  • Altijd nieuwe batterij reserve houden.
  • Als u wat langere tijd van huis gaat, neem dan een nieuwe batterij mee.
  • Geen oplaadbare batterij gebruiken. Als de batterij onvoldoende is opgeladen kan de werking van de pomp onbetrouwbaar worden.

BELANGRIJK: Na het verwisselen van de batterij altijd de START-toets indrukken en het programma volgen om de pomp weer op te starten.

4.6 Aan-en uitzetten van de pomp CADD-Prizm

Aanzetten
Om de pomp aan te zetten, moet u de STOP/START-toets enkele seconden ingedrukt houden. Er verschijnt een of in het scherm. [LF]Als u de J intoetst, start de pomp.

De pomp loopt het programma nog even door (bij iedere stap 1 piepje) en begint daarna te lopen.

De pomp werkt als de letters LOOPT rechts in het beeldscherm verschijnen.

                                           loopt

 

Uitzetten
Om de pomp uit te zetten, moet u de STOP/START-toets indrukken. Er verschijnt een of in het scherm. Als u de intoetst, stopt de pomp.

In de STOP-stand, verschijnt het woord GESTOPT links onderaan in het beeldscherm.

gestopt

Om u eraan te herinneren, dat de pomp in de stop-stand staat, hoort u om de vijf minuten een aantal piepjes. In de stop-stand pompt de pomp niet meer; het programma blijft wel zichtbaar in het beeldscherm.

Om de pomp helemaal uit te zetten, moet u de batterij verwijderen.

4.7 Dagelijkse verzorgingsinstructies
Algemeen onderhoud van de pomp
  • Het is belangrijk dat de pomp droog blijft.[LF]Leg de pomp bij het douchen of in bad gaan zodanig weg dat hij niet nat kan worden. Als toch vocht op de pomp komt, droog hem dan zorgvuldig af.[LF]U kunt tijdens uw thuisbehandeling niet zwemmen of naar de sauna.
  • U dient voorzichtig met de pomp om te gaan om beschadiging te voorkomen.
  • Tijdens het gebruik dient u de pomp tegen kou te beschermen. Sommige geneesmiddelen kristalliseren bij een lage temperatuur (lager dan 15° Celsius) en hierdoor kan de pomp beschadigen. Bij koud weer kunt u de pomp beschermen door hem in een draagtasje onder uw kleding te dragen. U dient de pomp ook te beschermen tegen een te hoge temperatuur (hoger dan 40° Celsius).
Dagelijkse controle van de pomp en toedieningsslang
  • U kijkt 2x per dag of de pomp goed werkt. Dit kunt u zien aan de letters LOOPT.
  • U kijkt of de inhoud van de cassette afneemt. Dit controleert u door op het beeldscherm te kijken of het getal van het reservevolume is verminderd ten opzichte van de beginstand en daarna ten opzichte van de laatst genoteerde stand.[LF]Bovendien kunt u in de cassette de inhoud van het zakje met geneesmiddel zien. Dit moet dus leger worden.
  • Zorg dat er geen spanning op de toedieningsslang komt te staan of dat de slang wordt afgeknikt.
  • U controleert de toedieningsslang op lekkage.
Dagelijkse controle van de insteekplaats

Als u een infuus in de arm heeft, controleert u twee keer per dag:

  • of u last hebt van de naald;
  • of de huid rood, gezwollen of geïrriteerd is;
  • of het afdekmateriaal van de insteekplaats is blijven zitten en droog is.

Als u een centrale veneuze toegangspoort (CVT) heeft, controleert u twee keer per dag:

  • of de huid rood, gezwollen of geïrriteerd is;
  • of het afdekmateriaal van de insteekplaats is blijven zitten en droog is.
Pijn bij de insteekplaats

Als u heftige pijn heeft bij de insteekplaats dient u:

  • de toedieningsslang af te klemmen met het plastic klemmetje;
  • de pomp in de STOP-stand te zetten;
  • onmiddellijk uw huisarts, wijkverpleegkundige of de verpleegkundige in het ziekenhuis te waarschuwen.[LF]De pijn kan betekenen dat het geneesmiddel niet in uw bloedvat maar daarnaast terecht komt.
Hoe te handelen bij alarmeringen van pomp CADD-Prizm
ALARM Bericht WAT TE DOEN?
Continue alarmsignaal met twee tonen 9 volt batterij bijna leeg Vervang de batterij
Continue alarmsignaal met twee tonen 9 volt batterij is leeg / plaats goede batterij Vervang de batterij
Continue alarmsignaal met twee tonen 9 volt batterij verwijderd/ plaats goede batterij Pomp loopt niet. Vervang de batterij
Drie pieptonen om de 5 minuten Herinnering dat de pomp is gestopt
Om de 2 seconden 2 piepen Cassette is beschadigd/free flow mogelijk/klem lijnen af De pomp detecteert dat de cassette beschadigd is. Sluit de klem en inspecteer de cassette op beschadiging. Neem contact op met de huisarts, wijkverpleegkundige of verpleegkundige van het ziekenhuis.
Om de 2 seconden 2 piepen Error Detected/E 9code) Er is een fout in de werking van de pomp. Sluit de slangklem af en stel de pomp buiten bedrijf. Neem contact op met de huisarts, wijkverpleegkundige of verpleegkundige van het ziekenhuis. Zij nemen contact op met de klantenservice om de pomp te laten vervangen.
Om de 2 seconden 2 piepen Hoge druk De pomp heeft hoge druk waargenomen, die veroorzaakt kan zijn door een neerwaartse obstructie, een knik in de slang of afgesloten klem. Verwijder de obstructie om de werking te hervatten. Of druk op stop/start of volgende om de pomp te stoppen en alarmsignaal uit te zetten voor 2 minuten, verwijder de obstructie en start de pomp opnieuw op.
Om de 2 seconden 2 piepen Kijk na op lege lijn of reservoir De slangen onder de pomp bevatten misschien geen vloeistof, of het reservoir is leeg. Controleer de lijn en het reservoir .

Neem contact op met de huisarts, wijkverpleegkundige of verpleegkundige van het ziekenhuis.

Om de 2 seconden 2 piepen Lucht in de lijn/pomp zal niet lopen De luchtdetector heeft lucht in de slangen waargenomen; de slangen kunnen luchtbellen bevatten, of de slang loopt niet door de luchtdetector.

Druk op volgende om het signaal te stoppen en dan

-Controleer of de lijn goed is aangebracht

-als de slang belletjes bevat, neem contact op met de huisarts, wijkverpleegkundige of verpleegkundige van het ziekenhuis.

Om de 2 seconden 2 piepen Reservoirvolume is bijna leeg Er moet een nieuw reservoir worden aangesloten. Neem contact op met de huisarts, wijkverpleegkundige of verpleegkundige van het ziekenhuis.
Om de 2 seconden 2 piepen Reservevolume staat op nul Druk op volgende om het signaal te stoppen. Er moet een nieuw reservoir worden aangesloten. Neem contact op met de huisarts, wijkverpleegkundige of verpleegkundige van het ziekenhuis.
Om de 2 seconden 2 piepen Toets zit vast, toets loslaten Als een toets is ingedrukt moet deze worden losgelaten. Als het alarm aanhoudt, moet de lijnklem worden afgesloten en de pomp buiten bedrijf worden gesteld. Neem contact op met de huisarts,wijkverpleegkundige of verpleegkundige van het ziekenhuis

Als u niet weet wat er mis is of u kunt het probleem niet oplossen, neem dan onmiddellijk contact op met uw huisarts, wijkverpleegkundige of de verpleegkundige in het ziekenhuis via het 24-uurs steunpunt.

Belangrijke telefoonnummers

Telefonisch spreekuur van 09.00 tot 10.00 uur
Telefoonnummer: 040 – 239 75 96

Dagbehandeling Oncologie van 08.00 tot 17.00 uur
Telefoonnummer: 040 – 239 66 44

24-uurs steunpunt in het Catharina Ziekenhuis (ook in het weekend en op feestdagen)
Telefoonnummer: 040 – 239 75 75

In geval van technische storingen kunt u gedurende 24 uur een beroep doen op de service van de leverancier van de pomp.

Naam leverancier: ………………………………………………………

Telefoonnummer leverancier: ………………………………………………………

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden