Stabilisatiegroep deeltijdbehandeling

De stabilisatiegroep start nadat u ontslagen bent van de afdeling Psychiatrie. Deze kortdurende vorm van groepstherapie kan ervoor zorgen dat uw opnameduur verkort wordt. Ook kan de groep bijdragen aan het voorkomen van een heropname.

De stabilisatiegroep bestaat uit vier therapieonderdelen groepsgesprek, psychomotorische therapie, cognitieve gedragstherapie en beeldende therapie. Om de therapie optimaal te laten slagen, is het belangrijk dat u twaalf bijeenkomsten aaneengesloten (6 weken) aanwezig bent. Deze therapieën vinden plaats in groepsverband, maar ieder werkt aan zijn of haar persoonlijke leerdoel.

Groepsgesprek
In het groepsgesprek praat u over uzelf, uw leerdoel en de actuele problemen die u hierbij ondervindt. Het maken van huiswerk kan een onderdeel van deze therapie zijn. Door het herkennen en uitwisselen van ervaringen, ervaart u meestal dat u niet de enige bent. U kunt merken dat u steun kunt hebben en elkaar kunt helpen om uw vaardigheden te versterken. Hierdoor krijgt u meer grip op uzelf en uw omgeving.

Psychomotorische therapie
Tijdens de psychomotorische therapie (afgekort PMT) kunt u leren hoe u bewuster met uw lichaam omgaat en op welke manier u uzelf laat zien aan de ander(en) in de groep. Daarnaast kunt u leren invloed te hebben op het omgaan met spanningen en gevoelens. Het ‘doen’ staat voorop, waarbij u handvatten aangereikt krijgt om uw leerdoel te bereiken.

Cognitieve gedragstherapie
Het doel van de cognitieve gedragstherapie (afgekort CGT) is om u handvatten aan te reiken die u helpen om te gaan met problemen in het dagelijkse leven en uw weerbaarheid kunnen verhogen. De therapie geeft inzicht in de kracht van uw gedachten die hierbij een rol kunnen spelen. Daarnaast wordt aangegeven wat u zelf kunt doen om uw band met mensen die belangrijk voor u zijn te verstevigen. Er is ook ruimte voor onderwerpen die u zelf in wilt brengen. Het oefenen van vaardigheden is ook een onderdeel van deze therapie.

Beeldende therapie
U werkt individueel en in samenwerkingsverband aan thema’s of onderwerpen. Gebruikte materialen hierbij zijn bijvoorbeeld tekenmateriaal, klei, hout of metaal. Werken met beeldende middelen is meer dan ‘dingen’ maken: u geeft vorm aan uw eigen ideeën, gedachten en gevoelens. Niet praten maar doen staat voorop. De ervaringen en gevoelens die u tijdens het werken met materiaal opdoet, worden aan het eind van de bijeenkomst besproken. Daarbij is vooral aandacht voor verbanden leggen, tussen werkwijze, werkstuk, persoon en problematiek.

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden