‘Afrika en Irak hebben me een beter mens gemaakt’

De 31-jarige verpleegkundige Susan van Emden heeft al heel wat van de wereld gezien. Na haar opleiding HBO-V in 2010, vertrok ze voor 3 maanden naar Malawi. Daarna werkte ze zeven jaar in ‘het Cathrien’ op de CTC. Maar het bleef kriebelen en in juni 2017 vertrok ze voor een jaar voor Artsen zonder Grenzen naar Ethiopië. “Als klein meisje zag ik alle ellende in de reclames maar ik zag ook de mensen in kleurige kledij. Ik was verliefd. Als ik groot was, wilde ik daar gaan helpen”, lacht Susan, “mijn hart ligt bij het zorgen voor mensen, dat is gewoon onderdeel van het DNA van een verpleegkundige.”

Verpleegposten

Haar werk verdeelde ze over de acht verpleegposten verspreid over twee vluchtelingenkampen. “Iedere post werd bemand door zo’n vijf verpleegkundigen en een teamleider. En daar stond ik boven. Dus ik racete de hele dag tussen de posten door. En elke dag zag er anders uit. Zo hield ik me bezig met de inkoop, keurde ik medicijnen goed, gaf ik trainingen aan de verpleegkundigen op de posten en voerde ik sollicitatiegesprekken. Maar ik draaide ook mee bij de ingang waar de vluchtelingen binnen kwamen. Dat was best heftig, je hoort veel schrijnende verhalen. Het werk was eigenlijk nooit af. De mensen waar je mee werkte, waren ook je huisgenoten. En die mensen kwamen van over de hele wereld. Met diverse achtergronden en culturen. Het gevoel dat je het samen moest doen, was heel bijzonder.”

Gelukkig met niets

De armoede in het vluchtelingenkamp was groot. Maar toch creëerden de mensen er een thuis. “Op televisie zie je vaak de schrijnende dingen. Die worden uitvergroot. En tuurlijk is er veel armoede, maar op de een of andere manier zijn de mensen op hun manier gelukkig. Als je daar bent, is het net een groot Afrikaans dorp. De mensen leven er in houten huisjes van negen vierkante meter. En ondanks dat de mensen niet veel hebben, zijn ze gelukkig en wordt er veel gezongen en gedanst. Je kunt je er pas echt een beeld van vormen als je er bent geweest”, benadrukt Susan. “Wat me het meeste heeft gegrepen is de hoop. De vluchtelingen waren er van overtuigd dat het volgende week weer vrede zou zijn en dat ze weer terug zouden kunnen. Dat gevoel van hoop, tegen beter weten in, raakte me diep.” Na een jaar keerde ze terug naar ‘haar Cathrien’. Maar de ‘rust’ was er nog niet. Na tien maanden vertrok ze opnieuw; naar Irak.

Negatieve sluier

“In april 2019 heb ik nog acht maanden een tweede project gedraaid voor Artsen zonder Grenzen. Dit keer in Irak. In Hawija, de stad die het langst bezet was door IS. Het Midden-Oosten is een heel andere wereld dan Afrika. De mentaliteit is er heel anders. Toen ik vertelde dat ik naar Irak ging, kreeg ik meteen te maken met vooroordelen. ‘Wat ga je toch doen in een Islamitisch land?’ was een vraag die ik vaak kreeg. Over het Islamitische geloof ligt zo’n negatieve sluier, maar het zijn ook gewoon mensen, net als jij en ik, met dezelfde problemen in het dagelijks leven. Ze hadden hulp nodig”, benadrukt Susan.

Nooit onveilig gevoeld

De hulpbehoefte in Hawija was van een heel andere orde dan in Afrika. In Irak kreeg Susan te maken met welvaartsziekten als diabetes, hartziekten en schildklierproblemen. “Mensen zijn rijker. Dat is een groot verschil. Maar omdat de stad net bevrijd was van IS, moest deze weer opgebouwd worden. De gezondheidszorg lag volledig stil waardoor deze patiëntengroepen verstoken waren van zorg, die ze wel nodig hadden. Het team van Artsen zonder Grenzen dat in de twee klinieken werd gestationeerd, was ook hoger opgeleid. Het ging hier om gespecialiseerde zorg. En dat maakte het voor mij heel uitdagend. Ondanks de dreiging die af en toe nog voelbaar was in de stad, heb ik me nooit onveilig gevoeld. We hadden continu bewaking bij ons. We droegen een hoofddoek en we moesten altijd alert zijn of we een veilige doorgang hadden tussen de twee klinieken.”

Hier wil ik landen

Terugkijkend had Susan beide ervaringen niet willen missen. “Tuurlijk was het wel eens moeilijk en miste ik mijn familie en vrienden. Maar het heeft me een beter mens gemaakt. Ik ben anders naar dingen gaan kijken, heb een andere kijk op de wereld gekregen. Afrika en Irak hebben me als mens verrijkt.”

Inmiddels is Susan gestart aan een nieuwe uitdaging binnen het ziekenhuis. Ze volgt de opleiding tot SEH-verpleegkundige. “Dit is de plek waar ik uiteindelijk wil landen”, lacht ze. Op de vraag of ze ooit nog vertrekt: “het zal altijd blijven kriebelen, maar ik ben nu iets ouder en heb ook nog andere wensen en die klok tikt ook door. Misschien ooit…”

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden