Cryoablatie (Folder)

Radiologie Urologie
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Cryoablatie (Folder)

U heeft binnenkort een afspraak voor het behandelen van een niertumor met behulp van een bevriezingsmethode (cryoablatie). In deze folder vindt u algemene informatie over de behandeling. Voor u persoonlijk kan de situatie anders zijn dan hier beschreven is. Algemene informatie over uw opname vindt u in de folder ‘Informatie over uw opname’.

Wat is een cryoablatie?

Cryoablatie is het behandelen van een tumor door middel van bevriezing. Cryo betekent bevriezing, ablatie betekent verwijderen. Cryoablatie wordt toegepast bij kleine niertumoren (<4 cm). Bij patiënten bij wie een operatie risicovol is of bij patiënten die nog maar één nier hebben is het een goed alternatief voor het operatief verwijderen van de tumor of de hele nier. De ingreep vindt in de meeste gevallen onder narcose plaats.

Voorbereiding op het onderzoek/ de behandeling

Pre-operatieve screening en anesthesie

U krijgt een behandeling onder narcose en bent daarom doorverwezen naar de polikliniek Pre-operatieve screening. Op deze polikliniek bekijkt de anesthesioloog of de behandeling voor u extra gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Dit noemen we pre-operatieve screening. Tijdens dit gesprek komt een aantal onderwerpen aan bod. Dit zijn onder andere de soort verdoving (anesthesie) en pijnstilling. Ook wordt besproken waar u op moet letten met eten, drinken en roken op de dagen rondom de operatie. Daarnaast maakt u afspraken over hoe u op die dagen uw medicijnen gebruikt. Dit geldt ook voor bloedverdunners. Bespreek het gebruik van bloedverdunners ook altijd met uw behandelend arts. Als u medicijnen gebruikt, neem dan een actueel medicijnoverzicht of medicijnpaspoort mee.

Op de polikliniek Pre-operatieve screening kunt u zonder afspraak terecht. U kunt echter ook een afspraak maken. De polikliniek is telefonisch bereikbaar van maandag t/m vrijdag tussen 08.15 en 16.30 uur via telefoonnummer 040 – 239 85 01. Meer informatie over pre-operatieve screening en verdoving vindt u in de folder ‘Anesthesie’.

Aandachtspunten
  • Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen? Meld dit dan vooraf bij uw uroloog en de pre-operatieve screening. In overleg met uw arts moet u het gebruik van deze medicijnen geruime tijd voor de behandeling stoppen. Meld het de uroloog ook als u andere medicijnen gebruikt.
  • Op de dag van de behandeling wordt u opgenomen op de verpleegafdeling. U wordt ongeveer 7 dagen voor de behandeling gebeld om te bespreken waar en wanneer u zich kunt melden.
  • Bent u zwanger? Meld dit dat bij de uroloog.
  • Heeft u de dag voor uw opname koorts? Neem dan contact op met de polikliniek Urologie.
  • Gebruikt u medicijnen? Neem deze dan (in originele verpakking) mee naar het ziekenhuis op de dag van de behandeling.
  • Breng geen vette crèmes aan op de dag van de behandeling.

Voorbereiding thuis

12 uur voor de opname mag u niet meer eten of drinken. Medicijnen mag u nog wel met een slokje water innemen.

Meenemen naar het ziekenhuis

  • Folder ‘Informatie over uw opname’;
  • Identiteitsbewijs;
  • Patiëntenpas als u die heeft;
  • Specifieke benodigdheden ten aanzien van de behandeling (overige benodigdheden staan in de folder ‘Informatie over uw opname’ en de veiligheidskaart).

Opname

Meestal vindt de cryoablatie in dagbehandeling plaats. Soms kan het nodig zijn om nog een dag langer te blijven. Op de dag van de behandeling meldt u zich op de afgesproken afdeling. U wordt ontvangen door een verpleegkundige. De verpleegkundige wijst u de weg op uw kamer, bespreekt alle gegevens met u en meet uw temperatuur, polsslag en bloeddruk.

Soms is het nodig om bloed af te nemen, bijvoorbeeld als u bloedverdunners gebruikt. U krijgt van de verpleegkundige een operatiehemd en een polsbandje met uw naam en geboortedatum.

Als u aan de beurt bent rijdt de verpleegkundige u in uw bed naar de voorbereidingskamer van de operatiekamers waar een operatiemedewerker de zorg voor u overneemt.

Behandeling

Bij de behandeling worden één of meer holle naalden in de tumor geplaatst. Aan de punt wordt een temperatuur bereikt van ongeveer -180° Celsius. Hierdoor bevriest het tumorweefsel en sterven de cellen af. De naalden worden geplaatst op basis van CT-beelden die worden gemaakt tijdens de behandeling. De naalden worden door piepkleine sneetjes door de huid geplaatst. Afhankelijk van de plek van de tumor in de nier en het aantal naalden dat moet worden geplaatst, kan de behandeling 2 tot 3 uur duren.

Na de behandeling

Na de behandeling rijdt de operatieassistent(e) u naar de uitslaapkamer. Hier wordt regelmatig gecontroleerd of u al wakker bent en hoe het met u gaat. Ook wordt regelmatig uw bloeddruk gemeten. Als u goed wakker bent en er geen bijzonderheden zijn, brengt de verpleegkundige van de afdeling u naar uw kamer.

Als u op de afdeling komt heeft u een infuus in uw arm en mogelijk een katheter in uw blaas om de urine af te voeren. Deze zal zo snel mogelijk worden verwijderd. Als u zich goed voelt, mag u zo snel mogelijk weer uit bed. Als u weer kunt eten, drinken, plassen en lopen mag u weer naar huis. Dit is in de meeste gevallen nog dezelfde dag.

Bijwerkingen

De meeste mensen hebben weinig pijn. Als u toch pijn heeft kunt u pijnstillers krijgen. Door de narcose kunt u zich misselijk voelen. Na de behandeling kan er een beetje bloed bij de urine zitten. Dit gaat in de meeste gevallen vanzelf over.

Risico’s en mogelijke complicaties

Ondanks dat er zorgvuldig gewerkt wordt, bestaat er altijd een kans op een complicatie. De wondjes kunnen infecteren. Dit is meestal maar zeer oppervlakkig omdat de sneetjes piepklein zijn. Er kan een bloeding ontstaan. Er kan schade veroorzaakt worden aan omliggende organen zoals darm, lever of milt. In zeer uitzonderlijke gevallen kan het noodzakelijk zijn alsnog de hele nier te verwijderen.

Na ontslag

Tijdens het ontslaggesprek neemt u samen met de verpleegkundige belangrijke zaken aan de hand van de ontslagfolder. Als u naar huis gaat krijgt u een afspraak mee voor een telefonisch consult met de uroloog. Deze controle is ongeveer vier tot zes weken na de behandeling. Na ongeveer 3 maanden krijgt u een CT-scan ter controle.

Leefregels

Na de ingreep mag u weer gewoon eten en drinken. De eerste drie dagen kunt u beter douchen in plaats van een bad nemen om te voorkomen dat de wondjes gaan ontsteken. Gedurende de eerste 3 weken na de behandeling wordt u geadviseerd niet zwaar te tillen of intensief te sporten.

U neemt direct contact op als:

  • u bloed blijft plassen;
  • koorts krijgt boven de 38,5°C
  • u aanhoudende pijn ervaart, waarbij de voorgeschreven pijnstillers onvoldoende werken.

Bel in deze gevallen tijdens kantooruren de polikliniek Urologie. Buiten kantooruren belt u met de afdeling Spoedeisende Hulp (SEH).

Vragen

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan contact op met de polikliniek Urologie.

Verhinderd

Kunt u niet naar een afspraak komen? Meld dit dat zo snel mogelijk bij polikliniek Urologie.

Contactgegevens

Catharina Ziekenhuis
040 – 239 91 11
www.catharinaziekenhuis.nl

Polikliniek Urologie
040 – 239 70 40

Spoedeisende Hulp
040 – 239 96 00

Routenummer(s) en overige informatie over de polikliniek Urologie vindt u op www.catharinaziekenhuis.nl/urologie

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden