Cyclofosfamidekuur (Folder)

Longgeneeskunde
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Cyclofosfamidekuur (Folder)

Uw arts heeft met u afgesproken uw longaandoening te behandelen met cyclofosfamide. In deze folder kunt u lezen hoe deze behandeling gaat verlopen.

Wat is cyclofosfamide?

Cyclofosfamide kan bij verschillende aandoeningen in verschillende doseringen worden voorgeschreven. In uw situatie wordt het gegeven om het afweersysteem te onderdrukken, waardoor de ontstekingsreacties in uw longen kunnen verminderen. Het wordt echter ook gegeven bij mensen met kwaadaardige aandoeningen zoals kanker.

Voorbereidingen

U hoeft voor de behandeling geen speciale voorbereidingen te treffen. Voordat u naar het ziekenhuis komt, kunt u gewoon eten, drinken en eventueel medicijnen innemen. Als het voor u anders is, zal uw arts dit met u bespreken.

De behandeling

De behandeling bestaat uit het zes keer toedienen van medicijnen via een infuus. U komt hiervoor een half jaar lang één keer per vier weken naar het ziekenhuis. Het toedienen van de medicijnen duurt ongeveer 1,5 uur.

Op de afgesproken dag meldt u zich op de afdeling dagbehandeling van de polikliniek Oncologie.

De verpleegkundige brengt een infuus aan in uw arm. Het medicijn dat u krijgt (cyclofosfamide) is een heldere vloeistof en zit in een zakje. Dit wordt op uw infuus aangesloten. Omdat de cyclofosfamide uw blaas kan irriteren, krijgt u ter bescherming van uw blaas na de cyclofosfamide het medicijn Mesna en extra vocht toegediend via het infuus.

Verder krijgt u het medicijn Mesna mee naar huis. De verpleegkundige vertelt u op welke tijden u het medicijn moet innemen. Meestal is dit 2 en 6 uur na de kuur. Het is verder belangrijk dat u tijdens de kuur veel drinkt om uw blaas te beschermen. Drink dagelijks tien tot vijftien glazen vocht.

Soms krijgen patiënten tijdens deze kuur ook een Prednison-schema. Als dit voor u van toepassing is, zal de longarts dit met u bespreken.

Tijdens het inlopen van de kuur kunt u prikkelingen in uw neus en/of hoofdpijnklachten krijgen. Geef uw klachten altijd door aan de verpleegkundige zodat deze actie kan ondernemen om uw klachten te verminderen.

Tijdens de behandeling kunt u last krijgen van misselijkheid. Om dit zoveel mogelijk te voorkomen, krijgt u medicatie om dit tegen te gaan: Granisetron (Kytril) 1x per dag 1 tablet van 2 mg, 1 uur voor aanvang van de kuur.

In het schema dat u van de verpleegkundige krijgt, kunt u lezen wanneer u de medicatie in moet nemen.

Bijwerkingen van de kuur

In het algemeen verdragen patiënten de kuur goed. Soms treden toch bijwerkingen op, maar dit is niet altijd zo.

De meest voorkomende bijwerkingen zijn:

  • Bij sommige patiënten heeft de kuur invloed op de werking en aanmaak van het beenmerg. Dit kan tot uiting komen door infecties, het spontaan optreden van blauwe plekken of bloedneuzen.
    Beenmerg is belangrijk voor de aanmaak van bloedcellen. Om het effect van de cyclofosfamide op uw beenmerg na te gaan wordt op de tiende dag na toediening uw bloed gecontroleerd.
  • U kunt last hebben van misselijkheid en verminderde eetlust. U krijgt daarom recepten mee voor medicatie die deze bijwerking verminderen.
  • De kans op haaruitval is erg klein door de lage dosering van de cyclofosfamide. Tijdens de kuur kunt u behandeld worden met hoofdhuidkoeling om het risico op haaruitval te verminderen. Wanneer u dit krijgt, bent u langer op de afdeling aanwezig.

Voorzorgsmaatregelen

De cyclofosfamide is, na toediening, nog drie dagen terug te vinden in uw uitscheidingsproducten (urine, ontlasting, braaksel en sperma). Het is belangrijk dat mensen in uw omgeving tijdens deze periode huidcontact met uw uitscheidingsproducten vermijden. Houdt u daarom zorgvuldig aan onderstaande voorzorgsmaatregelen. Het is geen probleem als u zelf in aanraking komt met uw eigen uitscheidingsproducten. U bent immers zelf behandeld met cyclofosfamide. Maak u niet ongerust over de voorzorgsmaatregelen. Als anderen het contact met uw uitscheidingsproducten vermijden, hoeft u zich geen zorgen te maken.

Voer wanneer dat mogelijk is, onderstaande schoonmaakhandelingen gedurende de 3 dagen zelf uit. Wanneer dit niet mogelijk is, kan iemand anders het doen. Deze persoon moet dan wel huishoudhandschoenen gebruiken.

Toiletgebruik
  • Maak uw toilet dagelijks huishoudelijk schoon.
  • Spoel na gebruik van het toilet, steeds 2x door met een gesloten deksel.
  • Wanneer u een tweede toilet in huis heeft, gebruik dan een toilet voor u alleen gedurende drie dagen. Laat anderen in deze periode gebruik maken van het andere toilet. Heeft u één toilet, dan is medegebruik van dit toilet door anderen geen probleem, als het maar goed wordt schoongehouden.
  • Advies aan mannen: ga bij het urineren op het toilet zitten om spetteren te beperken.
Morsen van urine, ontlasting en braaksel

Wanneer u onverhoopt knoeit met urine, ontlasting of braaksel, verwijder dan het gemorste eerst met keuken- of toiletpapier. Was de plek drie maal met koud water en droog tussendoor met keuken- of toiletpapier. U kunt dit papier gewoon door het toilet spoelen. Ander afval moet u in een dubbele vuilniszak doen en deze vervolgens goed afsluiten. De zak kan met het gewone huisvuil mee.

Vies wasgoed

Wasgoed dat bevuild is door urine, ontlasting of braaksel moet u apart in de wasmachine wassen met een koud spoelprogramma. U kunt het daarna met uw overige wasgoed in een volledig programma wassen, geschikt voor het betreffende wasgoed.

Seksualiteit

Het is niet bekend of en in welke mate cyclofosfamide wordt opgenomen in sperma of het slijmvlies van de vagina. Gebruik de eerste 72 uur na het gebruik van cyclofosfamide daarom bij het vrijen een condoom.

Gebruik van cyclofosfamide bij kinderwens, zwangerschap en borstvoeding

Cyclofosfamide kan van invloed zijn op de vorming van zaad- en eicellen. Bij gebruik van cyclofosfamide tijdens de zwangerschap bestaat de kans op een miskraam en aangeboren afwijkingen. Daarom is het van groot belang om tijdens de behandeling voor een goede, betrouwbare anticonceptie te zorgen en deze na beëindiging van de medicatie nog tenminste zes maanden voort te zetten. Dit geldt zowel voor vrouwen als voor mannen. Als u een zwangerschap overweegt, overleg dan eerst met uw arts.

Cyclofosfamide gaat over in de borstvoeding. Daarom mag tijdens de behandeling geen borstvoeding worden gegeven.

Wanneer neemt u contact op met de longarts of longverpleegkundige?

  • Bij koorts;
  • Blauwe plekken die spontaan ontstaan;
  • Bloedneuzen;
  • Bloed in de urine;
  • Of als u andere lichamelijke veranderingen opmerkt tijdens de behandeling waarvan u zich afvraagt of ze met het gebruik van cyclofosfamide samenhangen.

Vragen

Als u na het lezen van deze folder nog vragen heeft of wanneer zich thuis problemen voordoen, neem dan gerust contact op met de longverpleegkundige.

Contactgevens

Catharina Ziekenhuis
040 – 239 91 11
www.catharinaziekenhuis.nl

Polikliniek Longgeneeskunde
040 – 239 56 00

Routenummer(s) en overige informatie over de polikliniek Longgeneeskunde vindt u op www.catharinaziekenhuis.nl/longgeneeskunde

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden