Dumping (Folder)

Obesitascentrum
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Dumping (Folder)

U wordt behandeld in het Catharina Ziekenhuis en heeft mogelijk last van dumpingklachten. In deze folder leest u meer informatie over dumping. Ook bevat deze folder dieetadviezen en uitleg over de manier waarop dumping behandeld kan worden.

De maag

Om te begrijpen wat er bij dumpingklachten mis gaat, is het goed om de normale werking van het spijsverteringskanaal te weten. De maag is een onderdeel van ons spijsverteringskanaal. In de maag vindt tijdelijke opslag en voorvertering van voedsel plaats. Normaal gesproken blijft ons voedsel ongeveer twee tot drie uur in de maag waar het wordt fijngemalen, gekneed en vermengd met maagsap. Bij de uitgang van de maag zit een sluitspier (de pylorus). Deze sluitspier zorgt ervoor dat voedsel in kleine hoeveelheden wordt afgegeven aan de dunne darm. Voedsel dat de maag verlaat, komt in het eerste deel van de dunne darm terecht: de twaalfvingerige darm. In de twaalfvingerige darm worden spijsverteringssappen aan het voedsel toegevoegd. Deze sappen (alvleesklier- en galsappen) zijn nodig voor de vertering van vetten, suikers en eiwitten.

Wat is dumping?

Met dumping worden de klachten bedoeld die ontstaan na een te snelle maagontlediging. Deze klachten kunnen voorkomen in combinatie met een onjuiste afgifte van insuline of door een beschadiging van de zenuw die de maag aanstuurt (nervus vagus) en/of verwijding of verstoorde werking van de werking van de sluitspier van de maag (pylorus). Vooral suiker- en vetrijke producten zullen klachten geven nadat ze onverteerd in de dunne darm terechtkomen.

Dumping kan als bijwerkingen optreden bij een operatie waarbij de maag wordt aangepast (verkleind) of verwijderd bijvoorbeeld bij overgewicht of bij kanker. Al deze operaties van de maag geven een versnelde maagontlediging en vergroten hierdoor de kans op dumping.

Er kunnen twee soorten dumpingklachten ontstaan:

  • Vroege dumpingklachten: dit zijn de klachten die binnen 30 tot 60 minuten na de maaltijd optreden;
  • Late dumpingklachten: deze ontstaan zo’n anderhalf tot soms zelfs drie uur na de maaltijd.

Sommige mensen hebben last van beide soorten dumpingklachten, maar ze kunnen ook los van elkaar voorkomen.

Vroege dumpingklachten

Deze klachten ontstaan binnen 30 tot 60 minuten na de maaltijd. Voedsel wordt te snel doorgegeven door verwijdering van (een gedeelte of de gehele) maag. Daarnaast kan beschadiging van de zenuw die de maag aanstuurt (nervus vagus) en/of verwijding ofwel verstoorde werking van de sluitspier van de maag (pylorus) meespelen in dit proces. Hierdoor komt voedsel in grote hoeveelheden tegelijk in de dunne darm terecht. Deze sterk geconcentreerde voeding trekt in de dunne darm veel vocht aan. Dit vocht wordt onttrokken aan de omliggende bloedvaten en zorgt hierdoor voor (dumping)klachten.

Hierdoor krijgt u last van:

  • een vol gevoel/opgeblazen gevoel;
  • buikpijn, borrelingen en darmkrampen;
  • diarree;
  • misselijkheid;
  • ‘opvlieger gevoel’ (roodheid);

Bovendien ontstaat er een daling van de bloeddruk, doordat vocht onttrokken wordt aan de bloedvaten. Als gevolg van deze bloeddrukdaling ontstaan klachten als:

  • hartkloppingen;
  • duizeligheid;
  • zwaktegevoel (door lage bloeddruk, soms zelfs flauwte);
  • sufheid.

Late dumpingklachten (ookwel hyperinsulemische hypoglucemie (PHH) genoemd)

Deze klachten ontstaan anderhalf tot soms zelfs drie uur na de maaltijd. Normaal gesproken duurt het twee tot drie uur voordat voedsel de maag verlaat. Als (een deel van) de maag verwijderd is, komt voedsel echter veel sneller aan in de dunne darm. Door deze versnelling zijn de productie van insuline en de stijging van de bloedsuikerspiegel door het eten, niet meer op elkaar afgestemd. Suikers worden versneld opgenomen, maar een hoge bloedsuikerspiegel vraagt om de productie van insuline. Deze productie komt te laat op gang. Hierdoor wordt nog steeds insuline geproduceerd wanneer de bloedsuikers al uit de bloedbaan zijn verdwenen. Hierdoor ontstaat een te lage bloedsuiker.

De volgende klachten kunnen ontstaan:

  •  lage bloedsuikers;
  • zweten (‘koud zweet’);
  • onrustig gevoel en trillen;
  • bleek worden;
  • duizeligheid;
  • geeuwhonger/slaperigheid;
  • wisselend humeur;
  • hoofdpijn, slechter (wazig) zien;
  • moeheid;
  • hartkloppingen;
  • soms flauwvallen.

Behandeling van dumpingklachten

Als u dumpingklachten heeft, kunt u het beste even gaan liggen na de maaltijd. Het lichaam lost dit vanzelf op. Veel klachten kunnen voorkomen worden of verminderen door onderstaande tips en adviezen. Onderzoek geeft aan dat >80% van de patiënten een verbetering in symptomen ervaren na één maand dieetbehandeling. Het is verstandig om uw eetgewoontes aan te passen. Het is per patiënt verschillend of en in welke mate klachten ontstaan. U kunt het beste voor uzelf uitvinden wat en hoeveel u wel en niet kunt eten. Meestal verminderen de klachten na verloop van tijd doordat het lichaam zichzelf aanpast.

Dit zijn dieetadviezen die (vroege- en late dumpingklachten) kunnen verminderen en zelfs kunnen voorkomen:
  • Neem de tijd voor de maaltijden (> 20 minuten), eet rustig en kauw goed (20 keer)
  • Gebruik zes tot acht kleine maaltijden verdeeld over de dag
  • Verdeel het vocht dat u drinkt goed over de dag. Houd eten en drinken zowel voor als na de maaltijden 30 minuten gescheiden van elkaar. Beperk de portie hierbij tot 150-200 ml
  • Gebruik soep 1 uur voor de maaltijd en het nagerecht 1 uur na de maaltijd.
  • Vermijd het gebruik van veel ‘snel opneembare’ suikers, zoals ‘gewone’ suiker uit de suikerpot en vruchtensuiker. Gebruik daarom geen frisdrank, aanmaaklimonade, vruchtensap, cake, koek, snoep, gebak, voedingsbiscuits en zoet beleg
  • Gebruik maximaal 2 stuks fruit per dag, verdeel deze over de dag
  • Gebruik maximaal 3x 150 ml naturel zuivelproducten, met < 6 gram suiker per 100 ml. Melkproducten bevatten melksuiker (lactose), ook dit is een snel opneembare suiker. Gebruik van grote hoeveelheden melkproducten kan eveneens dumpingklachten veroorzaken. Houden de klachten aan? Probeer dan eens zuurdere zuivelproducten, zoals karnemelk, magere kwark of magere yoghurt

Adviezen voor vroege dumpingklachten:

  • Vermijd producten waarop u reageert (dit is per persoon verschillend), vaak worden suikerrijke of vetrijke producten minder goed verdragen.

Adviezen voor late dumpingklachten:

  • Gebruik geen producten hoog in koolhydraten en suikers (bijvoorbeeld: suiker uit de suikerpot, vruchtensuiker, frisdrank, aanmaaklimonade, vruchtensap, cake, koek, snoep, gebak, voedingsbiscuits en zoetbeleg).
  • Verdeel de koolhyraatrijke producten over de dag.
  • Doelstelling is stabiele koolhydraat (suiker)inname en insulineafgifte.

Advies wanneer u klachten ervaart die passen bij late dumping:

Bij ernstige late dumping klachten kunt u eventueel (tijdelijk) 2 stuks druivensuiker gebruiken om klachten te verminderen. Het is belangrijk niet opnieuw een (vast of vloeibaar) voedingsmiddel te gebruiken met veel suikers, omdat u mogelijk hierna opnieuw een late dumping krijgt. Om late dumpingen te voorkomen is het belangrijk uw totale voedingspatroon aan te passen en uw hoeveelheden suikers (koolhydraten) in uw voeding stabiel te verspreiden over de dag.

Medicatie

Voor een juiste behandeling en diagnose van dumping is het belangrijk (vroege) dumping te onderscheiden van ‘normale’ voedselintolerantie die het gevolg kan zijn van bijvoorbeeld te snel eten, niet goed kauwen, of niet scheiden van eten en drinken. Dit wordt gedaan door uw diëtist.

Na een aantal weken diëtistische behandeling en blijvende (ernstige) dumpingklachten kan overwogen worden om een extra onderzoek en medicatie te starten. Medicatie kan mogelijk (late) dumpingen verminderen maar niet voorkomen. Voedingsaanpassingen blijven de belangrijkste behandeling voor uw dumpingen.

Contact

Als bovenstaande tips en adviezen geen effect hebben, is het van belang dat u weer contact opneemt met het uw behandelaar. Probeer deze tips en adviezen minstens twee weken uit voordat u met ons contact opneemt.

Contactgegevens

Catharina Ziekenhuis
040 – 239 91 11
www.catharinaziekenhuis.nl

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden