Fluorescentie angiografie (FAG) (Folder)

Oogheelkunde
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Fluorescentie angiografie (FAG) (Folder)

Binnenkort wordt u op de polikliniek Oogheelkunde verwacht voor een zogeheten FAG-onderzoek. Deze afkorting staat voor fluorescentie angiografie. Dit is een onderzoek van de bloedvaten in het netvlies van het oog. Deze vaten worden zichtbaar gemaakt door middel van een kleurstof. Deze kleurstof wordt in een bloedvat in de arm gespoten, waarna foto’s worden gemaakt.

Het onderzoek duurt ongeveer 20 minuten. In deze folder vindt u informatie over de voorbereiding en het verloop van het onderzoek. Het is goed om te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders kan zijn dan hier is beschreven.

Waarom wordt fluorescentie angiografie verricht?

Als de oogarts bij onderzoek een afwijking in het achterste deel van uw ogen vermoedt, kan een fluorescentie angiografie worden gedaan. Indien de bloedvaten een afwijking vertonen, dan kan de kleurstof door de vaatwand heen gaan lekken of zich ophopen in de afwijkende bloedvaten. De kleurstof maakt de afwijkingen veel beter zichtbaar. Ook kan met dit onderzoek schade aan de onderlaag van het netvlies en de vorming van afwijkende nieuwe bloedvaten worden opgespoord.

Met fluorescentie angiografie kan goed worden vastgesteld wat er aan de hand is. Ook kan hiermee worden bepaald of en welke behandeling nodig is.

Dit onderzoek wordt vaak gedaan bij patiënten met de volgende aandoeningen:

  • Suikerziekte
    Deze ziekte kan lekkage van de bloedvaten veroorzaken. Suikerziekte is een zeer vaak voorkomende oorzaak van slechtziendheid en blindheid bij patiënten. In een aantal gevallen kunnen deze afwijkende bloedvaten worden behandeld met een laser om verdere achteruitgang te voorkomen.
  • Macula degeneratie
    Dit is een veelvoorkomende oorzaak van slechtziendheid bij ouderen. In een aantal gevallen ontstaan hierbij vaatvormingen onder het netvlies. Deze kunnen behandeld worden met de laser om te proberen ernstig verlies van het gezichtsvermogen tegen te gaan.

Waar vindt het onderzoek plaats?

Het onderzoek vindt plaats op de polikliniek Oogheelkunde in het Catharina Ziekenhuis.

Wanneer moet het onderzoek worden uitgesteld?

Als u de afgelopen drie maanden een hartoperatie heeft gehad, of u bent zwanger, bespreek dit dan met uw oogarts. Deze bekijkt dan of en hoe lang het onderzoek uitgesteld moet worden.

Welke voorbereiding is er nodig?

Om de vaten van het netvlies zichtbaar te maken door middel van fotografie, is het nodig dat de pupil van één of beide ogen tijdelijk verwijd wordt. Dit verwijden gebeurt met druppels. Deze krijgt u mee als de afspraak voor het onderzoek wordt gemaakt. U moet hiermee thuis beide ogen druppelen volgens het schema (zie het hoofdstuk ‘Druppelschema’).

Door de druppels wordt de pupil van het oog verwijd. U ziet hierdoor tijdelijk wazig en heeft waarschijnlijk last van het licht. Het is daarom prettig een zonnebril te dragen.

Ook kunt u door het wazige zicht niet deelnemen aan het verkeer. Het is raadzaam om een begeleider mee te nemen, die u naar het ziekenhuis en weer terug naar huis brengt. Na ongeveer een dag zijn de druppels uitgewerkt en kunt u weer zelf autorijden.

Druppelschema

Wanneer u beide ogen moet druppelen Waarmee u beide ogen moet druppelen
1 uur vóór de afspraak Tropicamide® 0.5%

In elk oog 1 druppel aanbrengen

5 minuten ná bovengenoemde druppel Fenylefrine® 5 %

In elk oog 1 druppel aanbrengen

10 minuten ná de vorige druppel Tropicamide® 0.5 %

In elk oog 1 druppel aanbrengen

Hoe verloopt het onderzoek?

Uw hoofd rust net als bij het oogheelkundig onderzoek in een kin-steun. Als de pupil van het oog wijd genoeg is, maakt de fotograaf een kleurenfoto van het netvlies. Hierna krijgt u een kleine hoeveelheid kleurstof (contrastvloeistof) in de arm gespoten. Dit gebeurt door de oogarts. Tegelijkertijd met het inspuiten van de kleurstof wordt een reeks foto’s gemaakt. Dit duurt ongeveer een kwartier. De foto’s worden gemaakt met gewoon flitslicht, zonder röntgenstralen.

Mogelijke risico’s en complicaties

Er zijn bijwerkingen bekend van de stoffen die in de druppels zitten die u vooraf zelf druppelt. Omdat het niet mogelijk is om alle zeldzame, mogelijke bijwerkingen en complicaties hiervan te beschrijven, is het belangrijk dat u ook de bijsluiters leest die bij de druppels zijn toegevoegd.

De volgende bijwerkingen zijn gebruikelijk: een rood oog, tranenvloed en prikkeling van de ogen. Hiervoor hoeft u geen contact op te nemen.

Bijwerkingen van druppels waarvoor u contact moet opnemen

U moet wél contact opnemen als u last krijgt van lichtschuwheid, hartkloppingen of hoofdpijn.

U belt in dit geval:

  • tijdens kantooruren de polikliniek Oogheelkunde in het Catharina Ziekenhuis;
  • buiten kantooruren de Spoedeisende Hulp.

De telefoonnummers vindt u onder ‘Contactgegevens’.

Bijwerkingen contrastvloeistof

Fluorescite 200 mg/ml
Tijdens het FAG-onderzoek wordt er contrastvloeistof in een ader in de arm gespoten. Meestal is dit fluorescite, in enkele gevallen van bekende netvliesafwijkingen wordt er gekozen voor Indocyaninegroen (ICG). Dit contrastmiddel heeft nagenoeg dezelfde mogelijke bijwerkingen en wordt daarom niet afzonderlijk beschreven.

De bijwerkingen kunnen zijn: misselijkheid, braken en jeuk. In uitzonderlijke gevallen zijn de bijwerkingen ernstiger zoals: korte bewusteloosheid, jeukende zwelling van huid (angio-oedeem), lage bloeddruk en ademhalingsstoornissen. Voor deze gevallen zijn er middelen aanwezig die bij toediening ervan de reactie onderdrukken.

Ook vragen we u om de vragen achter in de folder te beantwoorden en de ingevulde folder mee te nemen als u voor het onderzoek komt.

Belangrijk: wisselwerking met andere medicijnen

Gelijktijdig gebruik van Fluorescite 200 mg/ml met zogeheten bètablokkers kan in zeldzame gevallen ernstige overgevoeligheidsreacties veroorzaken. Neem daarom altijd een actueel overzicht mee van alle medicijnen die u gebruikt. U kunt hiervan een overzicht opvragen bij uw apotheek.

Nawerkingen

Door de ingespoten kleurstof kunt u over uw hele lichaam een geel/bruine kleur krijgen. Dit verdwijnt gewoonlijk binnen twaalf uur. De kleurstof verlaat het lichaam via de urine.

De urine kan hierdoor één tot twee dagen na het onderzoek wat donkerder van kleur zijn. Vermijd deze dagen overmatig zonnebaden, omdat onder invloed van zonlicht de huid op de kleurstof kan reageren en kan verbranden.

De kleurstof kan de uitslag van bepaalde laboratoriumonderzoeken van bloed en urine beïnvloeden. Daarom adviseren wij om laboratoriumonderzoeken pas 48 uur ná het FAG-onderzoek te laten plaatsvinden, tenzij uw behandelend arts anders adviseert.

De uitslag van het onderzoek

Nadat de oogarts de foto’s heeft beoordeeld, bespreekt deze de uitslag met u. Soms kan dit meteen na het onderzoek, anders is dit tijdens uw volgende polikliniekafspraak.

Vragen?

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan contact op met de polikliniek Oogheelkunde in het Catharina Ziekenhuis.

Contactgegevens

Catharina Ziekenhuis
040 – 239 91 11
www.catharinaziekenhuis.nl

Polikliniek Oogheelkunde
040 – 239 72 00

Spoedeisende Hulp (SEH)
040 – 239 96 00

Routenummer(s) en overige informatie over de afdeling Oogheelkunde kunt u terugvinden op www.catharinaziekenhuis.nl/oogheelkunde

Door u te beantwoorden vragen

Wilt u onderstaande vragen beantwoorden en het ingevulde formulier meenemen naar het onderzoek?

Ik heb eerder een reactie op contrastmiddel gehad
    ja/nee
Ik gebruik bloedverdunners
    ja/nee
Ik gebruik medicijnen voor hoge bloeddruk
    ja/nee
Ik gebruik medicijnen voor mijn hart
    ja/nee
Ik gebruik medicijnen voor epilepsie
    ja/nee
Ik ben bekend met migraine
    ja/nee
Ik ben allergisch voor schelpdieren
    ja/nee
Ik ben zwanger (indien van toepassing)
    ja/nee
© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden