Groep-B-streptokokken en zwangerschap (Folder)

Gynaecologie Verloskunde
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Groep-B-streptokokken en zwangerschap (Folder)

De ‘groep-B-streptokok’ is een bacterie die bij veel zwangere vrouwen in de vagina (schede) aanwezig kan zijn. Meestal kan deze bacterie geen kwaad voor de zwangere en haar kind, maar in een enkel geval wordt de baby ernstig ziek door een infectie met deze bacterie. Deze folder geeft informatie over deze groep-B-streptokokkenziekte. Ook bespreken wij in welke situaties voorzorgsmaatregelen genomen kunnen worden om ziekte bij de baby te voorkomen.

Wat zijn groep-B-streptokokken?

Streptokokken zijn bacteriën. Ze zijn alleen zichtbaar onder de microscoop. Er bestaan verschillende soorten streptokokken. Groep B streptokokken is er één van. Ze worden in deze folder afgekort als GBS.

Hoe vaak komen groep-B-streptokokken voor bij zwangeren?

GBS komen bij één op de vijf volwassenen voor zonder dat er klachten zijn. Eén op de vijf zwangeren draagt deze bacteriën bij zich; zij worden dragers genoemd. De GBS bevinden zich samen met andere bacteriën in de darmen. Vaak zijn ze ook in de baarmoedermond of vagina te vinden zonder dat er klachten zijn. Soms veroorzaken ze een blaasontsteking. Ze zijn dan in een kweek van de urine te vinden.

De gevolgen van GBS voor pasgeboren baby’s

Ongeveer de helft van de vrouwen die deze streptokokken bij zich dragen, geeft ze tijdens de bevalling door aan hun kind. We weten dat één op de vijf zwangere vrouwen (20%) draagster is. Dit heeft tot gevolg dat 10% van alle pasgeboren baby’s met GBS besmet wordt. De bacteriën zijn dan alleen op de huid of slijmvliezen van het kind aanwezig en de baby wordt er niet ziek van.

Van alle pasgeborenen wordt ongeveer één op de duizend ziek door een infectie met GBS. De bacteriën dringen dan ook het lichaam binnen. Het kind kan dan zeer ernstig ziek zijn. Kinderen van moeders die GBS-draagster zijn worden in één op de honderd gevallen ziek. Deze ziekte kan meestal goed behandeld worden met een antibioticum.

Hoe kan een kind besmet en ziek (geïnfecteerd) worden?

Als een zwangere vrouw GBS bij zich draagt, kan het kind al in de baarmoeder besmet worden. Dit kan ook tijdens de bevalling of na de geboorte gebeuren. Hieronder bespreken we hoe besmetting en infectie met GBS plaatsvindt, en welke verschijnselen kunnen optreden.

1. In de baarmoeder

Als een kind al in de baarmoeder besmet wordt met GBS, gebeurt dat meestal na het breken van de vliezen. De streptokokken komen vanuit de vagina via de baarmoedermond de baarmoeder in en bereiken zo het ongeboren kind. Het kind drinkt vruchtwater en heeft ook vruchtwater in de longen. Zo kan de baby al voor de geboorte worden besmet en ziek worden. Deze kans is groter naarmate de vliezen langer gebroken zijn. In uitzonderingssituaties vindt besmetting en infectie in de baarmoeder plaats zonder dat de vliezen gebroken zijn. Temperatuurverhoging van de moeder en een snelle hartslag van de baby kunnen aanwijzingen voor een infectie zijn.

2. Tijdens de bevalling

Als GBS in de vagina (schede) aanwezig zijn, wordt ongeveer de helft van de kinderen tijdens de bevalling besmet. Gewoonlijk veroorzaken de streptokokken dan geen ziekteverschijnselen. Ze blijven alleen op de huid en de slijmvliezen van de baby aanwezig. In een enkel geval, ongeveer 1%, wordt de baby wel ziek, meestal al vrij snel na de geboorte.

3. Na de geboorte

In minder dan een derde van de gevallen wordt de baby pas na de eerste levensweek ziek. Dit wordt een ‘late-onset’-infectie genoemd: een GBS-ziekte die laat ontstaat. Zo kunnen kinderen nog in de eerste drie levensmaanden ziek worden. Soms zijn ze dan al tijdens de geboorte besmet, maar ontstaat ziekte door de GBS-bacterie pas later. In andere gevallen wordt het kind na de geboorte besmet, bijvoorbeeld via de handen van een volwassene. Ook als een kind pas later ziek wordt als gevolg van GBS is het ziekteverloop vaak zeer ernstig.

GBS-ziekte bij het kind

Als een pasgeborene ziek wordt als gevolg van een infectie met groep-B-streptokokken, is dat in negen van de tien gevallen op de eerste dag. Vaak ademt het kind snel en oppervlakkig. Soms houdt het ademen even op. De kleur van de huid is niet mooi roze, maar grauw, blauw of bleek. Het kind kan slap aanvoelen en suf zijn. Soms is de baby overprikkelbaar en treden er stuipen (convulsies) op. Dikwijls is een zacht kreunend geluid bij het uitademen het eerste verschijnsel van ziekte. Dit kreunen is een belangrijk waarschuwingssignaal, maar ook een snelle ademhaling of een afwijkende kleur kunnen de aandacht trekken. Voedingsproblemen zoals spugen of niet willen drinken, koorts of juist ondertemperatuur zijn soms ook een teken van GBS-ziekte.

Het ernstig ziek zijn is een gevolg van ontstekingen, zoals een longontsteking (pneumonie), een bloedinfectie (sepsis) of een hersenvliesontsteking (meningitis). Soms komen verschillende ontstekingen tegelijkertijd voor. Een hersenvliesontsteking wordt vaker gezien bij kinderen die wat later na de geboorte ziek worden. Ziekteverschijnselen kunnen zich in heel snel tempo ontwikkelen, soms binnen enkele uren. Daarom kan medische hulp te laat komen. Soms is het ziekteverloop ook zo snel en ernstig dat zelfs een snel begonnen behandeling met een antibioticum een slechte afloop niet kan voorkomen.

Welke baby’s hebben een verhoogde kans om ziek te worden door een infectie met GBS?

Een GBS-infectie komt nogal eens ‘uit de lucht vallen’. Tijdens de zwangerschap of de bevalling waren er geen aanwijzingen voor een verhoogde kans op deze ziekte.

In een aantal gevallen weten we dat de baby wel een verhoogde kans loopt op ziekte door een GBS-infectie:

  • Een vroeggeboorte (zwangerschapsduur minder dan 37 weken);
  • Langdurig gebroken vliezen (langer dan 18-24 uur);
  • Temperatuurverhoging van de moeder tijdens de bevalling (hoger dan 37,8-38 °C);
  • Een blaasontsteking door GBS bij de moeder tijdens de zwangerschap;
  • Een eerder kind met GBS-ziekte.

Onderzoek naar GBS tijdens de zwangerschap

Onderzoek bij elke zwangere wordt in Nederland niet geadviseerd. GBS wordt immers bij één op de vijf zwangeren gevonden en heeft maar zeer zelden gevolgen. In bepaalde situaties is het wel verstandig onderzoek te doen, zoals bij een zwangere die in het ziekenhuis opgenomen is in verband met voortijdige weeën of te vroeg gebroken vliezen. De streptokokken kunnen dan worden aangetoond met behulp van een kweek. De verpleegkundige strijkt dan met een wattenstokje eerst langs de ingang van de schede, en dan langs de anus. De uitslag duurt meestal twee tot drie dagen. Testen die een snellere uitslag geven worden ‘sneltests’ genoemd. De sneltests die op dit ogenblik beschikbaar zijn, zijn vaak nog onvoldoende betrouwbaar.

Kan een GBS-infectie voorkomen worden?

Het is lang niet altijd mogelijk een GBS-ziekte van de baby te voorkomen. In situaties waar het kind een hoge kans heeft om ziek te worden, kan de arts wel voorzorgsmaatregelen nemen. Soms geeft men al tijdens de bevalling een antibioticum. Redenen daarvoor zijn: koorts tijdens de bevalling, een eerder kind dat GBS-ziekte heeft gehad, of een blaasontsteking met GBS tijdens de zwangerschap. In deze gevallen weten we dat de zwangere heel veel GBS bij zich draagt. Een uitslag van een kweek die GBS laat zien bij een dreigende vroeggeboorte of voortijdig gebroken vliezen is een andere reden om al tijdens de bevalling een antibioticum te geven. Soms krijgt ook de baby na de geboorte nog antibiotica van de kinderarts, bijvoorbeeld bij koorts tijdens de bevalling. In andere gevallen wordt geadviseerd de baby de eerste 48 uur extra in de gaten te houden, met behulp van een observatielijstje. Het gebeurt maar zelden dat de moeder na de bevalling een antibioticum nodig heeft. Een enkele keer worden al vóór de zwangerschap bij een vrouw streptokokken van groep B aangetoond, bijvoorbeeld in een kweek die gemaakt wordt omdat de vrouw afscheiding heeft. Dit heeft geen gevolgen voor de bevalling, zolang er tenminste geen andere risicofactoren zijn, zoals vroeggeboorte, koorts tijdens de bevalling of vliezen die langdurig gebroken zijn.

Verder lezen

Als u behoefte heeft aan meer informatie over GBS en/of GBS-ziekte kunt u zich richten tot:

  • De Stichting GBS (secretariaat)
    Prins Bernhardlaan 62, 2341 KL Oegstgeest
    Deze stichting heeft als doel de voorlichting over de GBS te verbeteren, wetenschappelijk onderzoek naar GBS-ziekte te bevorderen en daarmee een bijdrage te leveren aan het voorkomen en behandelen van GBS-ziekte. De Stichting GBS steunt de Werkgroep GBS in Nederland, een werkgroep van artsen en onderzoekers op het gebied van GBS.
  • Stichting Ouders van Groep-B-Streptokokken-patiënten (OGBS)
    Douschans 9, 2728 GG Zoetermeer
    Telefoonnummer: 079 – 342 01 69 of 079 – 362 58 50 (telefonische hulplijn)
    Fax: 079 – 362 58 50
    email: info@ogbs.nl
    homepage: www.ogbs.nl

Vragen

Als u na het lezen van deze folder nog vragen heeft: uw gynaecoloog is altijd bereid ze te beantwoorden.

Contactgegevens Catharina Ziekenhuis

Catharina Ziekenhuis

040 – 239 91 11

www.catharinaziekenhuis.nl

Polikliniek Gynaecologie

040 – 239 93 00

Routenummer(s) en overige informatie over de polikliniek Gynaecologie vindt u op www.catharinaziekenhuis.nl/gynaecologie

© NVOG

Het copyright en de verantwoordelijkheid voor deze folder berusten bij de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) in Utrecht. De Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV), de LHV en de werkgroep Echoscopie van de NVOG hebben deze folder goedgekeurd. Leden van de NVOG, de KNOV en de LHV mogen deze folder, mits integraal, onverkort en met bronvermelding, zonder toestemming vermenigvuldigen. Folders en brochures van de NVOG behandelen verschillende verloskundige en gynaecologische klachten, aandoeningen, onderzoeken en behandelingen. Zo krijgt u een beeld van wat u normaliter aan zorg en voorlichting kunt verwachten. Wij hopen dat u met deze informatie weloverwogen beslissingen kunt nemen.

Soms geeft de gynaecoloog u andere informatie of adviezen, bijvoorbeeld omdat uw situatie anders is of omdat men in het ziekenhuis andere procedures volgt. Schriftelijke voorlichting is altijd een aanvulling op het gesprek met de gynaecoloog. Daarom is de NVOG niet juridisch aansprakelijk voor eventuele tekortkomingen van deze folder. Wel heeft de Commissie Patiëntenvoorlichting van de NVOG zeer veel aandacht besteed aan de inhoud. Dit betekent dat er geen belangrijke fouten in deze folder staan, en dat de meerderheid van de Nederlandse gynaecologen het eens is met de inhoud.

Andere folders op het gebied van verloskunde, gynaecologie en voortplantingsgeneeskunde kunt u vinden op de website van de NVOG: https://www.nvog.nl , rubriek voorlichting.

Auteur: dr. G. Kleiverda

Bureauredacteur: Jet Quadekker

De tekst in deze folder is (na toestemming) overgenomen van de NVOG-website. De inhoud is aangepast aan de situatie zoals die zich voordoet in het Catharina Ziekenhuis.

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden