Laparoscopische hysterectomie (baarmoederverwijdering) (Folder)

Gynaecologie
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven

040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Laparoscopische hysterectomie (baarmoederverwijdering) (Folder)

Wat is een laparoscopische hysterectomie?

Een laparoscopische hysterectomie is een operatie waarbij we de baarmoeder verwijderen via een kijkbuisoperatie (laparoscopie). De operatie vindt plaats onder algehele narcose en gebeurt via enkele kleine sneetjes in de buik. Door deze operatietechniek is het herstel vaak sneller dan bij een grote buikoperatie.

Wanneer adviseren we deze operatie?

Een hysterectomie kan worden overwogen bij vrouwen met ernstige en aanhoudende klachten waarvoor andere behandelingen onvoldoende effect hebben gehad. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij:

  • Bloedingsklachten, zoals hevige menstruaties of dagelijks bloedverlies;
  • Afwijkingen in of rondom de baarmoeder, zoals vleesbomen (myomen), adenomyose of endometriose;
  • Afwijkingen in het baarmoederslijmvlies, zoals atypische cellen;
  • Steeds terugkerende afwijkende uitstrijkjes ondanks behandelingen van de baarmoederhals.

Samen met uw gynaecoloog bespreekt u zorgvuldig of deze operatie in uw situatie passend is.

Wat wordt er precies verwijderd?

Bij een hysterectomie verwijderen we de baarmoeder, de baarmoederhals en de eileiders.

De eierstokken verwijderen we niet tenzij dit bij uitzondering in uw situatie wel het geval is. De arts bespreekt dit met u.

Na het verwijderen van de baarmoeder krijgt u geen menstruaties meer en kunt u niet meer zwanger worden.

Hoe wordt de operatie uitgevoerd?

Een baarmoederverwijdering kan op verschillende manieren gedaan worden. Meestal gebeurt het via een laparoscopie/kijkoperatie (deze folder) of via de vagina (zie folder: vaginale baarmoederverwijdering). In bepaalde situaties kunnen we gebruikmaken van een operatierobot. De gynaecoloog bespreekt vooraf welke operatietechniek in uw situatie het meest geschikt is.

Bij een kijkoperatie wordt de buik opgeblazen met gas. Via kleine sneetjes in de buik brengen we een camera en instrumenten in. De baarmoeder maken we via de buik los van omliggende weefsels, en verwijderen we vervolgens via de vagina.

Voor de operatie

Pre-operatieve screening en anesthesie

Vooraf aan de operatie verwijzen we u naar de polikliniek Pre-operatieve screening. Op deze polikliniek bekijkt de anesthesioloog of de operatie voor u extra gezondheidsrisico’s met zich meebrengt.

Ter voorbereiding op deze afspraken vragen we u een vragenlijst in te vullen. Deze vragenlijst staat voor u klaar in MijnCatharina. U krijgt vervolgens een afspraak bij de polikliniek Pre-operatieve screening. Soms is dit een telefonische afspraak; soms nodigen we u uit voor een bezoek op de polikliniek.

U moet nuchter zijn op de dag van de operatie. Meer informatie over pre-operatieve screening en verdoving vindt u in de folder ‘Anesthesie‘.

De dag van de operatie

Een verpleegkundige ontvangt u op de afdeling. U krijgt operatiekleding aan. We brengen u in bed naar de operatie-afdeling. Via een infuus in uw hand of arm dient de anesthesist de narcose (verdoving) toe. U valt in slaap en merkt niets meer tot u na de operatie wakker wordt in de uitslaapkamer. De operatie duurt gemiddeld 1,5 uur.

Na de operatie

Na de operatie gaat u terug naar de afdeling als u goed wakker bent. Soms heeft u keelpijn als gevolg van het beademingsbuisje. Via een infuus krijgt u vocht. U kunt misselijk zijn of moeten overgeven. Het infuus blijft aanwezig tot de misselijkheid verdwenen is en u zelf voldoende drinkt. Soms is tijdens de operatie een katheter in de blaas gebracht waardoor de urine wegstroomt; deze verwijderen we meestal direct na de ingreep, maar kan soms een branderig gevoel bij plassen geven.

Voor pijn na de operatie krijgt u pijnstillers toegediend. Soms hebt u behalve buikpijn ook schouderpijn. Dit komt door het koolzuurgas dat we tijdens de operatie gebruiken om meer ruimte in de buik te maken.

Over het algemeen kunt u dezelfde dag weer naar huis (dagopname); in sommige gevallen (bijvoorbeeld bij een complicatie) kan het zijn dat u langer in het ziekenhuis blijft.

Risico’s bij een operatie

Wij bespreken hier een aantal risico’s en complicaties van laparoscopische operaties. Bedenk bij het lezen dat het om mogelijke gevolgen gaat, de meeste operaties verlopen zonder complicaties.

Algemene risico’s tijdens de operatie
  • Het kan voorkomen dat de operatie met de kijkbuis niet lukt en er toch een open buikoperatie (laparotomie) moet plaatsvinden via een grotere snede. De opname in het ziekenhuis en het herstel duren dan langer.
  • Bij het opereren zelf kunnen complicaties optreden. In zeldzame gevallen worden de urinewegen of darmen beschadigd. Vaak wordt dit tijdens de operatie al gezien en opgelost, soms zijn de gevolgen pas zichtbaar als u al thuis bent. Bij ernstige buikpijn, koorts of pijn in de nierstreek (aan de zijkant van de rug) is het verstandig met het ziekenhuis contact op te nemen.
  • Elke narcose brengt risico’s met zich mee. Als u verder gezond bent, zijn deze risico’s zeer klein.

Algemene risico’s na de operatie

  • Bij de operatie brengt men meestal een katheter in de blaas. Daardoor kan na de operatie een blaasontsteking ontstaan. Zo’n ontsteking is lastig en pijnlijk, maar goed te behandelen.
  • Er kan in de buik, de buikwand of in de vagina een nabloeding optreden. Meestal verwerkt het lichaam zelf een bloeduitstorting, maar dat duurt vaak enkele weken tot soms maanden. Bij een ernstige nabloeding is soms een tweede operatie nodig.
  • Bij iedere operatie is er een klein risico op het ontstaan van een infectie of trombose.
  • Sommige vrouwen hebben na de operatie klachten als: duizeligheid, slapeloosheid, moeheid, concentratiestoornissen, buik- en/of rugpijn. Deze zijn vaak niet ernstig, maar kunnen wel vervelend zijn. Als het verloop van het herstel na de operatie anders is of langer duurt dan verwacht, is het verstandig dit met uw huisarts of gynaecoloog te bespreken.
Specifieke risico’s bij deze operatie
  • Op de top van de vagina ontstaat soms een bloeduitstorting of abces (ontsteking); dit kan pijn, ongemak en/of koorts geven. Het herstel duurt dan langer. Meestal ruimt uw lichaam dit zelf op, maar soms is het toch nodig om opnieuw te opereren.

Herstel thuis

Over het algemeen moet u voor herstel op ongeveer zes weken rekenen. Uw gynaecoloog vertelt u wat bij u van toepassing is. De volgende onderwerpen kunnen belangrijk zijn bij uw herstel.

Conditie

Het kan zijn dat u zich sneller moe voelt en dat u minder aan kan dan verwacht. U kunt het beste toegeven aan de moeheid en extra rust nemen.

Operatiepijn

U kunt na de ingreep last hebben van pijnklachten. Hiervoor mag u thuis maximaal 4x per dag 2 tabletten paracetamol van 500 mg innemen en 3x per dag 400mg ibuprofen. Er kunnen redenen zijn waarom u geen ibuprofen mag nemen, bijvoorbeeld na een darmoperatie of als u eerder een maagverkleining heeft gehad.

Bloedverlies

De eerste dagen na de ingreep kan er nog wat licht bloedverlies optreden. Gebruik geen tampons maar maandverband. Soms kan er na 2 tot 3 weken weer wat ruimer bloedverlies optreden, omdat de hechtingen bovenin de vagina dan oplossen. Dit is normaal. Als het bloedverlies heviger is dan een gewone menstruatie, moet u contact opnemen met het ziekenhuis.

Tillen/diep bukken

Dit mag u doen als u hier weer toe in staat bent.

Sporten/fietsen

Indien u hier weer toe in staat bent. Wij adviseren om sporten rustig op te bouwen.

Baden/douchen

Douchen mag elke dag, in bad gaan pas weer als het bloedverlies een paar dagen is gestopt.

Autorijden

Indien u zich goed voelt mag u autorijden. Informeer bij uw verzekering wat toegestaan is.

Werken

In afstemming met werkgever.

Seksueel contact

We adviseren de eerste zes weken na de operatie geen seksueel contact te hebben, zodat de wond bovenin de vagina goed kan herstellen.

Koorts

In geval van koorts van meer dan 38,5 graden langer dan 24 uur moet u contact opnemen met het ziekenhuis.

Wanneer contact opnemen?

Neem contact op met uw arts of het ziekenhuis als u:

  • koorts boven 38,5 °C heeft;
  • hevige pijn heeft die niet afneemt;
  • toenemend rood, warm of pijn bij de wond;
  • problemen met plassen of ontlasting.

Zijn er problemen of vertrouwt u iets niet? Op werkdagen kunt u tussen 08.30 en 16.30 uur contact opnemen met de polikliniek Gynaecologie via 040 239 9300.

Bij spoed ’s avonds en/of in het weekeind neemt u contact op met de Spoedeisende Hulp of de verpleegafdeling.

Gevolgen op de langere termijn

  • Als de eierstokken blijven zitten, komt u niet in de overgang door de operatie.
  • Veel vrouwen ervaren verbetering van pijn- en bloedingsklachten.
  • Veel vrouwen ervaren verbetering van seksuele klachten, omdat hun klacht verholpen is met de operatie. Seks kan wel anders voelen dan voorheen.
  • Een baarmoederverwijdering geeft géén verhoogd risico op een verzakking op latere leeftijd.
  • Emotionele reacties zijn normaal; het verwijderen van de baarmoeder kan ook psychisch impact hebben. Bespreek dit gerust met uw arts.

Nacontrole

U krijgt een afspraak voor nacontrole. Tijdens die afspraak bespreken we hoe uw herstel verlopen is en of er nog vragen zijn. De verwijderde weefsels worden onderzocht om de diagnose te bevestigen, deze uitslag ontvangt u ook telefonisch.

Opleidingsziekenhuis

Het Catharina Ziekenhuis is een opleidingsziekenhuis. Wij bieden tal van opleidingsmogelijkheden voor artsen, verpleegkundigen en paramedische beroepen en werken daarin nauw samen met opleidingscentra en –ziekenhuizen in de regio. Dit kan betekenen dat uw behandeling, onderzoek of operatie (mede) uitgevoerd wordt door een zorgverlener in opleiding. Denk hierbij aan een arts in opleiding tot specialist, een co-assistent of een verpleegkundige in opleiding. Veiligheid is het allerbelangrijkste, daarom staat de zorgverlener in opleiding altijd onder supervisie van een gekwalificeerde zorgverlener. Indien u uitdrukkelijk niet wenst geholpen te worden door een zorgverlener in opleiding, kunt u dit aangeven bij uw behandelend arts.

Vragen?

Heeft u vragen, neem dan contact op met de polikliniek Gynaecologie. 

Contactgegevens

Catharina Ziekenhuis
040 – 239 91 11
www.catharinaziekenhuis.nl

Polikliniek Gynaecologie is op werkdagen tussen 8.30 en 16.30 uur bereikbaar via 040 – 239 93 00.

Routenummer(s) en overige informatie over de polikliniek Gynaecologie vindt u op www.catharinaziekenhuis.nl/gynaecologie


© 2026 Catharina Ziekenhuis
Alle rechten voorbehouden