Operatieve verwijding van de gehooringang (meatoplastiek) (Folder)

Keel-, Neus- en Oorheelkunde
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Operatieve verwijding van de gehooringang (meatoplastiek) (Folder)

Uw keel-, neus- en oorarts (KNO-arts) heeft voorgesteld om u te opereren omdat u een te smalle ingang van de gehoorgang heeft. Deze folder geeft u informatie over wat de KNO-arts in het Catharina Ziekenhuis met u besproken heeft. Voor u persoonlijk kan de situatie anders zijn dan hier is beschreven. Als dat zo is dan legt de KNO-arts dit aan u uit.

Waarom wordt deze operatie aangeraden?

Deze operatie is te over te overwegen als:

  • de ingang van uw gehoorgang te smal is waardoor u steeds terugkerende infecties of een chronische infectie heeft;
  • u last heeft van ophoping van oorsmeer waardoor de gehoorgang verstopt raakt. Hierdoor moet het oor vaak door de KNO-arts worden schoongemaakt;
  • het aanbrengen van een hoorapparaat niet lukt vanwege een smalle gehoorgang.

Een smalle ingang kan aangeboren zijn. Het kan ook op latere leeftijd ontstaan door terugkerende ontstekingen of verdikking van weefsels.

Wat is een meatoplastiek?

Met een meatoplastiek verruimen we de ingang van uw gehoorgang. Dit deel van de gehoorgang is opgebouwd uit huid en kraakbeen. Tijdens de operatie wordt een gedeelte van het kraakbeen verwijderd, waardoor de ingang ruimer wordt.

Meestal gebeurt de operatie onder narcose.

Voorbereiding op de operatie

Ongeveer tien dagen voor de operatie ontvangt u thuis een brief. Hierin staat wanneer u geopereerd wordt en waar u zich op de dag van de operatie kunt melden.

Pre-operatieve screening en anesthesie

U wordt geopereerd en bent daarom doorverwezen naar de polikliniek Pre-operatieve screening. Op deze polikliniek bekijkt de anesthesioloog of de operatie voor u extra gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Dit noemen we pre-operatieve screening. Tijdens dit gesprek komen een aantal onderwerpen aan bod. Dit zijn onder andere de soort verdoving (anesthesie) en pijnstilling. Ook bespreekt u waarop u moet letten met eten, drinken en roken op de dagen rondom de operatie. Daarnaast maakt u afspraken over hoe u op die dagen uw medicijnen gebruikt. Dit geldt ook voor bloedverdunners. Bespreek het gebruik van bloedverdunners ook altijd met uw behandelend arts. Als u medicijnen gebruikt, neem dan een actueel medicijnoverzicht of medicijnpaspoort mee.

Op de polikliniek Pre-operatieve screening kunt u alleen op afspraak terecht. De polikliniek is telefonisch bereikbaar van maandag t/m vrijdag tussen 08.00 en 17.00 uur via telefoonnummer 040 – 239 85 01.

Meer informatie over pre-operatieve screening en verdoving vindt u in de folder ‘Anesthesie’.

De opname

Op de afgesproken dag en tijd meldt u zich op de afdeling die in de bief vermeldt staat. U wordt ontvangen door een verpleegkundige. De verpleegkundige wijst u de weg op uw kamer, bespreekt alle gegevens met u en meet uw temperatuur, polsslag en bloeddruk.

U krijgt een injectie om bloedstolsels in de bloedbaan (trombose) te voorkomen. Soms is het nodig om bloed af te nemen, bijvoorbeeld als u bloedverdunners gebruikt. U krijgt van de verpleegkundige een operatiehemd en een polsbandje met uw naam en geboortedatum. Als u aan de beurt bent, rijdt de verpleegkundige u in uw bed naar de voorbereidingskamer van de operatiekamers. Hier neemt een operatiemedewerker de zorg voor u over.

De operatie

Tijdens de operatie maakt de KNO-arts eerst een snee in de huid aan het begin van de gehoorgang. De huid wordt opzij geschoven, zodat een gedeelte van het kraakbeen kan worden verwijderd. Het verwijderde kraakbeen heeft de vorm van een halve maan en is ruim een halve centimeter groot. De huid wordt gehecht en in de gehoorgang krijgt u een tampon met antibiotische zalf. Daarop krijgt u een pleister.

De hechtingen en de tampon worden na een week verwijderd tijdens de controle bij de KNO-arts. Na genezing is er geen litteken meer zichtbaar.

Normaal is de ingang van de gehoorgang rond van vorm. Na de operatie is de ingang driehoekig of ovaal van vorm, zie figuur 1.

KNO018 A.jpg
Figuur 1. De ingang van de gehoorgang (x) is naar achteren toe wijder gemaakt

Na de operatie

Na de operatie blijft u in de uitslaapruimte van de operatiekamers tot u goed wakker bent. Daarna haalt een verpleegkundige van de verpleegafdeling u weer op. U heeft een tampon in uw geopereerde oor, waardoor u minder goed kunt horen en u heeft een infuus in uw arm. Als het eten, drinken en plassen goed gaat, verwijdert de verpleegkundige het infuus.

De meeste patiënten hebben na een ooroperatie weinig pijn. Een lichte pijn in of rond het oor is normaal. Als u zich na verloop van tijd goed voelt, kunt u naar huis. Houdt u er rekening mee dat u die dag niet zelf naar huis mag rijden. U krijgt een afspraak voor een controle bij de
KNO-arts. Deze afspraak is ongeveer na een week.

Controle na de operatie

Na een week komt u voor een controle naar de polikliniek om de hechtingen te laten verwijderen. De tampon die in de gehoorgang zit, wordt soms vervangen door een schone tampon die nog een week moet blijven zitten.

Tijdens deze controle bespreekt u met de KNO-arts ook wanneer u weer kunt gaan werken, naar school kunt gaan of weer kunt sporten.

Richtlijnen voor de eerste dagen thuis

  • Zorg ervoor dat er geen water in het oor komt. Dit doet u door tijdens douchen en haren wassen een bekertje op het oor te houden.
  • Ga niet zwemmen, baden of in de sauna.

Pijnbestrijding

Een ooroperatie geeft meestal niet veel pijn. Als u toch pijn heeft dan adviseren wij u om drie keer per dag twee tabletten paracetamol van 500 mg. Dit betekent om de acht uur 1000 mg.

Als u andere pijnstillers nodig heeft dan kunt u dat met uw KNO-arts bespreken.

Risico’s en complicaties

Bij alle operaties kunnen complicaties optreden zoals een nabloeding of wondinfectie.

Wondinfectie

In geval van een wondinfectie gaat het oor veel pijn doen en zwelt op. U kunt ook koorts krijgen.

Neem bij vermoeden van een infectie of bij een bloeding overdag contact op met de polikliniek KNO, telefoonnummer 040 – 239 71 30.

’s Nachts en in het weekeinde neemt u contact op met de Spoedeisende Hulp , telefoonnummer 040 – 239 96 00.

Als er bijzonderheden zijn die niet kunnen wachten tot de eerstvolgende controle, neem dan ook contact op met de polikliniek KNO.

Vragen

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan contact op met de polikliniek KNO, via telefoonnummer: 040 – 239 71 30.

Bericht van verhindering

Als u niet naar een afspraak kunt komen bel dan zo spoedig mogelijk met polikliniek KNO. Er kan dan nog een andere patiënt worden ingepland.

Contactgegevens

Voor het maken van afspraak op polikliniek KNO belt u: 040 – 239 71 30.

Voor het maken van een afspraak voor een operatie belt u met het secretariaat van polikliniek KNO, telefoonnummer 040 – 239 71 32.

Voor vragen over de narcose belt u met polikliniek Pre-operatieve screening, via telefoonnummer 040 – 239 85 01.

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden