PEG sonde (Folder)

Maag-, Darm- en Leverziekten
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

PEG sonde (Folder)

Uw behandelend arts heeft voorgesteld om bij u een PEG sonde te plaatsen. De PEG sonde wordt geplaatst door een Maag-, Darm-, Leverspecialist (MDL-arts). In deze folder informeren wij u over de plaatsing en de verzorging van de PEG sonde. Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders kan zijn dan hier is beschreven. 

Wat is een PEG sonde?

De afkorting PEG staat voor Percutane Endoscopische Gastrostomie. Dit is een voedingssonde die met behulp van een endoscoop (flexibele slang), door de huid, in de maag wordt geplaatst. De twee schijfvormige fixatieplaatjes (één aan de binnenzijde van de maagwand en één aan de buitenkant op de huid van de buik) zorgen ervoor dat de PEG sonde er niet uitvalt (zie tekening).

PEG sonde.JPG
PEG sonde

Het plaatsen van een PEG sonde wordt in overweging genomen als u langer dan vier tot zes weken sondevoeding nodig heeft. Het voordeel van deze voedingssonde is dat hij niet hinderlijk uit de neus komt en niet zichtbaar is omdat hij onder de kleding zit. Het slangetje is dikker dan de voedingssondes die via de neus worden ingebracht. Hierdoor raakt de PEG sonde minder snel verstopt. Bij een goede verzorging kan de PEG sonde lange tijd (2-5 jaar) worden gebruikt.

Soms wordt een zogenoemde ‘lange PEG’ gebruikt, de Percutane Endoscopische Jejunostomiekatheter (PEJ). Deze wordt in de dunne darm geplaatst.

De informatie in deze folder, geldt ook voor de PEJ, behalve het hoofdstuk ‘Verzorging’. Het is belangrijk dat u weet welke sonde bij u geplaatst is, zodat u de juiste verzorgingsinstructies kunt volgen.

Diëtist en transferverpleegkundige

Nadat u met uw arts besloten heeft om een PEG sonde te laten plaatsen, krijgt u een afspraak met de diëtist. Deze afspraak vindt plaats bij voorkeur minimaal twee dagen voor het plaatsen van de PEG sonde. De polikliniekmedewerker maakt deze afspraak voor u. Mocht u tijdens deze periode zijn opgenomen in het ziekenhuis, dan maakt de verpleegkundige van de afdeling deze afspraak.

De diëtist stelt in overleg met u vast welke sondevoeding u gaat gebruiken en hoeveel u hiervan nodig heeft. Daarnaast bespreekt de diëtist de manier van toedienen samen met u.

De transferverpleegkundige regelt zaken voor u zoals:

  • Het aanvragen van sondevoeding, eventuele voedingspomp, materialen om sondevoeding toe te dienen en verbandmiddelen om de insteekplaats van de sonde te verzorgen.
  • Hij/zij schakelt de thuiszorg in, zodat u vanaf de eerste dag na plaatsing hulp krijgt van de wijkverpleegkundige bij toediening van de sondevoeding en verzorging van de PEG sonde. De wijkverpleegkundige leert u en/of uw partner hoe u deze handelingen zelf kunt doen.

Voorbereiding

  • Om de ingreep goed te kunnen uitvoeren moeten uw slokdarm, maag en twaalfvingerige darm leeg zijn. Daarom mag u de avond voor het onderzoek vanaf 24.00 uur niet meer eten, drinken of roken.
  • Tijdens de ingreep kunt u het beste makkelijk zittende kleding dragen.
  • Als u enige vorm van bloedverdunnende medicijnen gebruikt, dient u dit vooraf aan de arts te melden die het onderzoek aanvraagt. Eventueel moet het gebruik van deze medicatie voor het onderzoek tijdelijk worden gestaakt.
  • Indien u diabetes mellitus (suikerziekte) heeft en insuline spuit of tabletten slikt, dient u de richtlijnen te volgen die in de daarvoor bestemde folder zijn aangegeven. Deze folder kunt u verkrijgen via de diabetesverpleegkundige of via de secretaresse van uw behandelend arts. We vragen u uw insulinepen en insuline mee te nemen.
  • Omdat deze ingreep belastend kan zijn, krijgt u hiervoor een ‘roesje’ (sedatie). Een roesje is geen algehele narcose, maar zorgt ervoor dat u ontspannen bent en minder last van het onderzoek ervaart. Het doel van een roesje is niet per se dat u slaapt tijdens het onderzoek.
  • Na een ‘roesje’ mag u niet zelf autorijden. Regel daarom van tevoren uw vervoer.
Overige aandachtspunten
  • Neem bij ieder bezoek/onderzoek uw identificatiebewijs mee;
  • Laat uw gegevens wijzigen in de centrale hal als er veranderingen optreden in uw gegevens;
  • Neem een recent medicijnoverzicht mee als u medicijnen gebruikt;
  • Neem een bewaardoosje voor bril, gebitsprothese of gehoorapparaat mee, indien u deze draagt.
  • Bewaar deze folder goed; de informatie kan later van pas komen!

Verloop van het onderzoek

Op de dag van het onderzoek meldt u zich 20 minuten voor de afgesproken tijd aan de balie van de afdeling Endoscopie.

Hierna neemt u plaats in de wachtkamer waar een verpleegkundige van de afdeling Kortverblijf & dagverpleging u komt ophalen. Die zorgt ervoor dat u op een brancard komt te liggen, een infuusnaald krijgt en doet eventueel ook andere noodzakelijke handelingen ter voorbereiding. Daarna wordt u opgehaald door de endoscopie verpleegkundige.

Op de scopiekamer zelf:

  • wordt u aangesloten aan de bloeddrukmeter
  • krijgt u een knijper op uw vinger om het zuurstofgehalte in uw bloed te meten. Het is daarom belangrijk dat u geen nagellak of kunstnagel op uw vinger heeft.
  • wordt u voor het onderzoek in de goede houding gelegd. Op uw linkerzijde.
  • krijgt u een drankje dat schuimvorming in de maag tegengaat.
  • als u een gebitsprothese hebt, dan moet u deze uitdoen.
  • wordt eventuele overmatige buikbeharing tot 10 centimeter rondom de prikplaats geschoren;
  • krijgt u een bijtring tussen uw kaken ter bescherming van uw gebit en de endoscoop.

De arts dient vervolgens de medicijnen voor het roesje toe waarna het onderzoek begint.

De arts brengt de endoscoop via de bijtring in uw mond en schuift deze voorzichtig via de keel en de slokdarm naar de maag. Met de endoscoop bepaalt de arts de plaats voor de PEG sonde in de maag. Hierna wordt de huid gedesinfecteerd en plaatselijk verdoofd. De PEG sonde wordt daarna via de huid ingebracht. De plaats van de PEG sonde is meestal onder de ribbenboog, in het midden van de buik of iets links daarvan.

Na de ingreep wordt de insteekopening afgedekt met antibioticagaasjes en wordt het uitwendige fixatieplaatje tegen de buikwand geschoven. Vanwege de verdoving voelt u geen pijn, wel merkt u enige druk op uw buik. De ingreep duurt ongeveer 20 à 25 minuten.

Nazorg

Vanwege het ‘roesje’ gaat u na afloop van de ingreep weer terug naar de afdeling Kortverblijf & dagverpleging. Op deze afdeling blijft u een uur totdat het ‘roesje’ is uitgewerkt. Het is normaal dat u zich dan nog wat suf en slaperig voelt. U mag daarom alleen onder begeleiding naar huis. Zorg daarom dat iemand met u mee komt of u op komt halen. Tot de ochtend na de ingreep mag u niet zelf actief deelnemen aan het verkeer. U kunt ook beter geen belangrijke beslissingen nemen die dag.

Verzorging van de PEG sonde

Vanaf de eerste week
  • In deze periode wordt de verbinding tussen maag- en buikwand (de fistel) gevormd. Het uitwendige fixatieplaatje moet dan ook tegen de buikwand blijven zitten. Het is belangrijk dat de PEG sonde gedurende de eerste week zo min mogelijk beweegt.
  • De antibioticagaasjes rond de PEG sonde moeten 3 dagen blijven zitten. Het mag alleen worden vervangen wanneer het vies en/of doorgelekt is. U krijgt hiervoor een extra setje mee naar huis.
  • Controleer de huid elke dag op tekenen van roodheid, zwelling en irritatie.
  • Reinig de insteekopening elke dag met in water gedrenkte gaasjes. Het is belangrijk de huid daarna goed droog te deppen. Vervolgens brengt u de splitgazen weer aan. De splitgazen kunnen eventueel vastgeplakt worden met (huidvriendelijke) pleister.
  • Zorg ervoor dat de PEG sonde goed vastzit zodat u er bij het bewegen geen last van heeft of ergens achter blijft haken.
  • De eerste week na plaatsing van de PEG sonde mag u niet douchen of een bad nemen.
  • Spuit de PEG sonde na iedere voeding door met 20 tot 30 ml lauw water om te voorkomen dat deze verstopt raakt. Ook wanneer er geen voeding gegeven wordt door de PEG sonde, dient deze 3 keer per dag doorgespoten te worden met 20 tot 30 ml water.
  • Zet het klemmetje tussen het witte plaatje en het eindstuk alleen dicht  als de sondevoeding moet worden aangesloten. Indien het klemmetje dicht is slijt de slang sneller en moet daardoor eerder vervangen worden.
Na de eerste week
  • Het fistelkanaal is inmiddels gevormd. Het buitenste fixatieplaatje mag nu wat losser gezet worden, ongeveer 2 mm van de buikwand (de dikte van een euromunt).
  • Reinig dagelijks de huid rondom de PEG sonde en onderkant van het fixatieplaatje met water. Dep de huid droog en laat huid en plaatje goed drogen. Het is beter om geen gaasje meer aan te brengen rond de PEG sonde, zodat deze zoveel mogelijk kan ademen en verweking wordt voorkomen.
  • Om te voorkomen dat de PEG sonde vastgroeit in het maagslijmvlies, is het belangrijk om de PEG sonde vanaf nu dagelijks bij de verzorging een hele slag (360 °) te draaien en 3 à 4 cm heen en weer te bewegen in het fistelkanaal (dompelen).
  • Ook al eet u niet zelf, zorg toch voor een goede mond- en gebits-verzorging om mondinfecties te voorkomen.
Verzorging PEJ

Plaatsing en verzorging van de lange PEJ sonde is gelijk aan die van de gewone PEG sonde, behalve dat de PEJ sonde na de eerste week niet gedraaid mag worden. De PEJ sonde wordt dus enkel gedompeld, nooit gedraaid!

Wanneer neemt u direct contact op

  • U dient contact op te nemen met de afdeling Endoscopie wanneer de huid rondom de fistelopening rood, gezwollen, pijnlijk of pussig is. De opening is dan mogelijk ontstoken.
  • De kans dat de PEG sonde eruit valt is erg klein. Mocht dit toch gebeuren dan is het belangrijk dat u zo snel mogelijk een slangetje in de opening schuift (dit mag het PEG slangetje zijn) om te voorkomen dat de fistel dichtgroeit, dit gebeurt namelijk al binnen enkele uren! Neem daarna tijdens kantooruren contact op met de afdeling Endoscopie, buiten kantooruren met de afdeling Spoedeisende Hulp, zie ‘Contactgegevens’.

Vragen

Neem bij dringende vragen of problemen contact op:

  • tijdens kantooruren met afdeling Endoscopie
  • buiten kantooruren met afdeling Spoedeisende Hulp

Bij niet-dringende vragen kunt u  op woensdag tussen 15.30 en 16.30 uur met een verpleegkundige bellen.

Contactgegevens

Catharina Ziekenhuis

040 – 239 91 11

www.catharinaziekenhuis.nl

Afdeling Endoscopie

040 – 239 87 85

Afdeling Kortverblijf & dagverpleging

040 – 239 87 77

Spoedeisende Hulp (SEH)

040 – 239 96 00

Routenummer(s) en overige informatie over de afdeling Endoscopie vindt u op www.catharinaziekenhuis.nl/maag-darm-en-leverziekten

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden