Verwijderen van de sternumdraden (Folder)

Cardiothoracale chirurgie Catharina Hart- en Vaatcentrum
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Verwijderen van de sternumdraden (Folder)

In deze folder vindt u informatie over de gang van zaken rondom het verwijderen van sternumdraden na een hartoperatie. De ingreep die u ondergaat, vindt plaats op de operatiekamer. Een arts van het specialisme Cardiothoracale chirurgie voert de operatie uit.

Tijdens de hartoperatie die u eerder heeft ondergaan, zijn sternumdraden geplaatst. Een ander woord voor sternum is borstbeen. De sternumdraden worden verwijderd als er een ontsteking of fistelvorming is ontstaan bij het borstbeen. Als u pijnklachten heeft ten gevolge van de sternumdraden kan dit ook een reden zijn om deze operatie uit te voeren.

Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders kan zijn dan hier is beschreven.

Voorbereiding

Pre-operatieve screening en anesthesie

U wordt geopereerd en bent daarom doorverwezen naar de polikliniek Pre-operatieve screening. Op deze polikliniek bekijkt de anesthesioloog of de operatie voor u extra gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Dit noemen we pre-operatieve screening. Tijdens dit gesprek komen een aantal onderwerpen aan bod. Dit zijn onder andere de soort verdoving (anesthesie) en pijnstilling. Ook bespreekt u waarop u moet letten met eten, drinken en roken op de dagen rondom de operatie. Daarnaast maakt u afspraken over hoe u op die dagen uw medicijnen gebruikt. Dit geldt ook voor bloedverdunners. Bespreek het gebruik van bloedverdunners ook altijd met uw behandelend arts. Als u medicijnen gebruikt, neem dan een actueel medicijnoverzicht of medicijnpaspoort mee.

Op de polikliniek Pre-operatieve screening kunt u alleen op afspraak terecht. De polikliniek is telefonisch bereikbaar van maandag t/m vrijdag tussen 08.15 en 16.30 uur via telefoonnummer 040 – 239 85 01.

Meer informatie over pre-operatieve screening en verdoving vindt u in de folder ‘Anesthesie’.

Meenemen naar het ziekenhuis

Neem de medicijnen die u thuis gebruikt mee naar het Catharina Ziekenhuis, evenals toiletspullen en een gemakkelijk zittende pyjama/kleding.

De opname

Op de dag van de operatie meldt u zich op het afgesproken tijdstip op de afdeling Kortverblijf & dagverpleging. Een verpleegkundige ontvangt u en vertelt u over de dagelijkse gang van zaken op de verpleegafdeling. Dit komt op het volgende neer:

  • Voor de operatie krijgt u operatiekleding aan.
  • U krijgt een injectie ter voorkoming van trombose.
  • Als u aan de beurt bent, wordt u door de verpleegkundige in bed naar de operatieafdeling gebracht. Daar wordt u gevraagd om op de operatietafel te gaan liggen. Via een infuus in de arm krijgt u de narcosemiddelen toegediend waarna de ingreep kan plaatsvinden.

Behandeling

De behandeling gebeurt op de operatiekamer en vindt plaats onder volledige narcose. De huid wordt opengemaakt op de plaats van het oude litteken. De staaldraden worden verwijderd en vervolgens wordt de huid gesloten en onderhuids gehecht. De wond wordt bedekt met een pleister. Het kan zijn dat er een slangetje (drain) wordt achtergelaten om het overtollige vocht en bloed af te laten vloeien.

Risico’s en complicaties

Geen enkele operatie is zonder risico’s. Er is een kans aanwezig dat er een aantal complicaties ontstaan tijdens of na de operatie. Hierbij kunt u denken aan een wondinfectie, trombose (ontstaan van een bloedstolsel in een bloedvat) of een longontsteking. Het ontstaan van een infectie is per situatie verschillend. Als u ten gevolge van pijnklachten wordt geopereerd, is de kans op een infectie ongeveer 1%. Als u wordt geopereerd ten gevolge van een fistel is de kans op infectie ongeveer 10%. De kans op nabloeding is ongeveer 1%.

Na de operatie

Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer gebracht. Als u pijn heeft of misselijk bent, kunt u de verpleegkundige vragen u hier medicijnen tegen te geven. Als uw bloeddruk en ademhaling goed zijn en u bent goed wakker dan gaat u terug naar de verpleegafdeling.

  • U heeft een infuus in de arm voor vochttoediening. Zodra u weer voldoende kunt drinken wordt het infuus verwijderd.
  • Mogelijk heeft u een slangetje (drain) in de borst voor afvoer van eventueel bloed en wondvocht. Zodra er geen vocht meer uit de drain komt, wordt deze verwijderd. Meestal is dat een dag na de operatie.

Weer naar huis

Na deze operatie mag u in principe dezelfde dag, of de dag na de operatie, met ontslag. Hierbij gelden de volgende voorwaarden; u heeft geen drain, u kunt goed plassen, u eet en drinkt en de wond is rustig. Voordat u met ontslag gaat, bezoekt een (assistent) chirurg u om vragen en onduidelijkheden te beantwoorden. U komt na vier tot zes weken op controle op de polikliniek. De afspraak hiervoor krijgt u mee bij het ontslag.

Houd er rekening mee dat u zelf niet terug naar huis mag rijden met de auto. Het is verstandig om de terugreis alvast met familie/kennissen te regelen.

Leefregels

  • Douchen: u mag drie dagen na de operatie weer douchen. Baden mag u twee weken lang niet.
  • Fietsen/autorijden: u mag de dag na de operatie weer fietsen en autorijden.
  • Medicatie: tijdens het ontslaggesprek wordt verteld welke pijnmedicatie u thuis mag gebruiken.
  • Sporten/lichamelijke activiteit: gedurende twee weken niet en daarna als de wond geheel genezen is.
  • Voeding: na de operatie kunt u normale voeding gebruiken.
  • Wondverzorging: de operatiepleister mag u na drie dagen zelf verwijderen. Een nieuwe pleister is alleen nodig als de wond nog doorlekt. De wond is onderhuids gehecht. De hechtingen lossen vanzelf op.

Wanneer contact opnemen?

In de volgende situaties moet u contact opnemen:

  • Bij een nabloeding.
  • Bij roodheid en/of zwelling van het operatiegebied.

Neem tijdens kantooruren contact op met de afdeling Kortverblijf & dagverpleging of de polikliniek Cardiothoracale chirurgie.

Neem buiten kantooruren contact op met de Spoedeisende Hulp.

De telefoonnummers vindt u onder ‘Contactgegevens’.

Vragen?

Hebt u na het lezen van deze folder nog vragen, stel deze dan gerust aan uw behandelend chirurg, verpleegkundige of huisarts. Bij dringende vragen of problemen vóór uw behandeling kunt u het beste contact opnemen met de polikliniek Cardiothoracale chirurgie.

Contactgegevens

Catharina Ziekenhuis
040 – 239 91 11
www.catharinaziekenhuis.nl

Polikliniek Cardiothoracale chirurgie
040 – 239 86 80

Afdeling Kortverblijf & dagverpleging
040 – 239 87 77

Routenummer(s) en overige informatie over de polikliniek Cardiothoracale chirurgie kunt u vinden op www.catharinaziekenhuis.nl/hartenvaatcentrum

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden