Zorg rondom een keizersnede (Folder)

Verloskunde
Michelangelolaan 2
5623 EJ Eindhoven
040 - 239 91 11
Catharina een Santeon ziekenhuis

Zorg rondom een keizersnede (Folder)

Binnenkort wordt u opgenomen op de verpleegafdeling Verloskunde van het Catharina Ziekenhuis om een keizersnede te ondergaan. In deze folder willen wij u informatie geven over het verloop van deze opname. Wij doen ons best de opname zo aangenaam mogelijk te maken. Aarzelt u niet om uw vragen en wensen aan ons kenbaar te maken.

Wat is een keizersnede?

Een keizersnede is een operatie waarbij het kind via uw buikwand wordt geboren. De operatie duurt ongeveer 45 minuten. De baby wordt meestal binnen 5 tot 10 minuten geboren. Daarna maakt de gynaecoloog de baarmoeder en de buik met hechtingen dicht.

Een geplande keizersnede

Meestal wordt tijdens de zwangerschap duidelijk dat een keizersnede nodig is en zal de keizersnede ingepland worden. Redenen voor een geplande keizersnede kunnen bijvoorbeeld zijn:

  • Het kindje ligt in een stuitligging; hierbij liggen de billen in plaats van het hoofd voor de baarmoedermond;
  • De placenta (moederkoek) ligt voor de baarmoedermond;
  • Een vleesboom verhindert de indaling van het kind;
  • Er zijn complicaties, zoals een placenta die onvoldoende werkt;
  • U heeft, na een gesprek met de arts, gekozen voor een geplande keizersnede nadat u al eerder een keizersnede heeft ondergaan.

Voorbereiding op de keizersnede

Wanneer besloten is dat uw kindje met een keizersnede geboren gaat worden, wordt de keizersnede gepland vanaf 39 weken zwangerschapsduur. De verloskundige of gynaecoloog zal u tijdens de afspraken op de polikliniek informeren over de keizersnede en het herstelproces na de keizersnede. Er volgt een intake met een gespecialiseerd verpleegkundige van de afdeling Verloskunde, waar u voor en na de keizersnede opgenomen bent. Ook zal er een afspraak bij de preoperatieve screening gepland worden met de anesthesist. Daar zullen ze u informatie geven over de ruggenprik die u voor de operatie zal krijgen. Vragen rondom de pijnstilling tijdens de operatie kunt u daar stellen.

Voeding

Uw genezingsproces verloopt beter als uw voedingstoestand voor de operatie zo goed mogelijk is. De dag voor de operatie mag u gewoon eten en drinken. Meestal adviseert de arts dat u op de dag zelf nuchter moet zijn. Dat betekent dat u van tevoren niet meer mag eten of drinken. U mag tot 6 uur voor de operatie een lichte maaltijd eten. Tot 2 uur voor de operatie mag u nog wel heldere dranken drinken, zoals thee en water. U wordt gevraagd om gedurende de avond voor de keizersnede 2 flesjes én 2 uur voor de operatie 2 flesjes Nutricia preOp te drinken. Dit is een koolhydraatdrank met citroensmaak. De koolhydraten in Nutricia preOp zorgen ervoor dat u minder honger heeft vóór de operatie. Daardoor blijven uw lichaamsreserves behouden, voelt u zich beter na de operatie en hoeft u korter in het ziekenhuis te verblijven. U krijgt hiervoor op de polikliniek een recept.

Pijnbestrijding voorafgaand aan de keizersnede

Voor de operatie krijgt u 1000mg paracetamol op de afdeling.

Opname op de verpleegafdeling Verloskunde

Op de dag van de keizersnede mag u zich melden op het afgesproken tijdstip op de verpleegafdeling Verloskunde. U zal door een verpleegkundige opgehaald worden en naar uw kamer gebracht worden. Voorafgaande aan de keizersnede zal er een hartfilmpje van uw kindje (cardiotocogram, CTG) gemaakt worden. Ook wordt er een infuus geprikt om u antibiotica tegen een mogelijke wondinfectie te kunnen toedienen. Daarnaast worden er twee buisjes bloed afgenomen om uw bloedgehalte (hemoglobine-waarde) en bloedgroep te bepalen. Zo nodig wordt er een echo van uw kindje gemaakt om de ligging vast te stellen.

Voor de operatie krijgt u een operatiejasje aan. Na een telefoontje van de operatiekamer wordt u samen met uw partner/begeleider door de verpleegkundige van de afdeling Verloskunde naar de Holding gebracht (wachtruimte voor de operatiekamer). De verpleegkundige gaat dan nog even terug naar de afdeling en ze komt weer terug als u naar de operatiekamer gaat. De verpleegkundige zal de gehele operatie aanwezig zijn. De kinderarts is bij de operatie aanwezig. Wanneer het nodig is, zal de kinderarts de eerste opvang van de baby doen.

Wat mee te nemen voor de opname?
  • Gemakkelijke kleding, ondergoed, toiletspullen (zeep en shampoo);
  • Stevige slippers of instappers;
  • Kleding voor uw kindje;
  • Indien u borstvoeding gaat geven een goed passende voedingsbeha;
  • Indien u flesvoeding gaat geven een stevige beha zonder beugel;
  • Fototoestel/ mobiele telefoon/ oplader;
  • Autostoeltje geschikt voor baby’s vanaf de geboorte, bijvoorbeeld een Maxi Cosi;
  • Telefoonnummer van de kraamzorg;
  • Kraamboek van de kraamzorg.
Aandachtspunten

Eventuele lenzen, gebitprotheses, nagellak, sieraden, make-up en piercings moeten verwijderd worden. Deze kunnen risico’s opleveren tijdens de operatie.
Om infecties van de operatiewond te voorkomen is het belangrijk dat u, vlak voor u wordt opgenomen, uw schaamhaar niet scheert. Scheren kan kleine wondjes veroorzaken die soms met het blote oog nauwelijks zichtbaar zijn. Deze wondjes verhogen de kans op het ontstaan van infecties aan de operatiewond.

De operatie

U krijgt bij de operatiekamer een muts op en uw partner/begeleider krijgt een pak, muts en mondkapje voordat hij/zij de operatiekamer in mag. Dit is om te zorgen dat er zo min mogelijk bacteriën in de operatiekamer komen. Uw partner/begeleider mag bij de keizersnede aanwezig zijn, hij/zij zit dan naast u bij het hoofdeinde. Als u het op prijs stelt mag uw partner/begeleider een fototoestel meenemen naar de operatiekamer. Een operatieassistente zal dan foto’s maken van wat u graag wil.

Pijnbestrijding

Tijdens de operatie krijgt u een ruggenprik. De ruggenprik zal uw onderlichaam verdoven. De anesthesist zal de verdoving zetten en u begeleiden. Nadat de verdoving gezet is, kunt u een tintelend gevoel in uw benen gaan voelen. Dit is de verdoving die begint te werken. U kunt zelf nog gaan liggen de verdoving zal spoedig werken tot boven de navel, zodat de keizersnede goed uitgevoerd kan worden. De gynaecoloog test voordat hij/zij begint of de verdoving goed werkt en u geen pijn heeft. Als de verdoving goed zit, kan de operatie beginnen.
In enkele gevallen komt het voor dat de operatie onder algehele narcose plaatsvindt.

Uitvoering operatie

Als de verdoving werkt, zal er een blaaskatheter geplaatst worden. De benen worden vastgemaakt, zodat ze niet van het bed glijden. Daarna wordt uw buik schoongemaakt met desinfectiemiddel (chloorhexidine) waarna uw buik wordt afgedekt met steriele doeken. De snede in uw buik wordt horizontaal ter hoogte van de bikinilijn gemaakt. De lengte bedraagt ongeveer 15-20 centimeter, zoals in afbeelding 1 weergegeven.

Afbeelding 1: litteken na een keizersnede

De tijd vanaf de start van de operatie tot uw kindje geboren wordt bedraagt gemiddeld 5 à 10 minuten.
Na de geboorte van uw kind, zal de placenta geboren worden en wordt de buik in lagen weer gesloten.

Afbeelding 2: stappen van een geboorte via keizersnede

 

Geboorte van uw kindje

De keizersnede die wij in het Catharina Ziekenhuis uitvoeren is de zogenaamde natuurlijke keizersnede (gentle sectio). Bij een gentle sectio wordt op het moment van geboorte van de baby het doek geopend en kan u en uw partner/begeleider door een doorschijnend plastic doek meekijken naar de geboorte van u kindje. Het belangrijkste van de natuurlijke keizersnede is dat de baby zo snel mogelijk na de geboorte op de borst van de moeder komt (huid-op-huid contact) en kan blijven.

Als uw kind geboren is en de navelstreng is uitgeklopt, wordt de navelstreng afgeklemd. Uw partner/begeleider mag door het doorschijnende plastic doek, indien mogelijk en gewenst, de navelstreng doorknippen. Vervolgens geeft de gynaecoloog de baby direct over aan de verpleegkundige. De verpleegkundige legt de baby bij u op de borst. Om afkoeling van de baby te voorkomen, wordt uw baby afgedroogd en toegedekt met een mutsje en een verwarmde deken. De baby blijft daarna bij de moeder. Bij een wat minder goede start van uw kindje wordt uw kindje direct door de kinderarts op de operatiekamer nagekeken. Uw partner/begeleider kan hierbij meekijken.

Huid op huid contact

Wij streven ernaar ouder(s) en kind niet te scheiden na de keizersnede. Huid-op-huid contact heeft een positief effect op de bloeddruk, ademhaling, temperatuur en bloedsuikerregulatie van uw kindje. Als u borstvoeding wilt geven, uw kindje signalen laat zien en de situatie het toelaat, kunt u uw kindje meteen aan de borst leggen. De verpleegkundige zal u hierbij helpen. Meestal zal het eerste keer aanleggen pas op de uitslaapkamer gebeuren.

Partner/begeleider

Uw partner mag de gehele tijd bij u blijven. Tijdens de operatie zal uw partner/begeleider bij u aan het hoofdeind zitten. Mocht uw kindje om een of andere reden niet bij u mogen blijven op de operatiekamer en naar de couveuse-afdeling moeten, dan zal uw partner/begeleider met de baby mee naar de couveuse afdeling gaan. Er kan gevraagd worden of de partner/begeleider plaats wil nemen in een rolstoel en het kindje huid-op-huid wil vervoeren naar de couveuse afdeling. Wanneer de baby zuurstof nodig heeft zal de baby in een couveuse vervoerd worden naar de couveuseafdeling. Uw partner/begeleider gaat te allen tijde mee met de baby naar de couveuseafdeling.

Op de verpleegafdeling Verloskunde kan uw partner 24/7 aanwezig zijn. Het ontbijt voor uw partner wordt vanuit het ziekenhuis verzorgd, de overige maaltijden zullen zelf geregeld moeten worden. Op de kamer is een koelkastje aanwezig. Op de afdeling is een magnetron en een oventje aanwezig om bijvoorbeeld een maaltijd op te warmen.

Recovery

Na de operatie gaat u samen met baby en partner/begeleider naar de uitslaapkamer (Recovery). Op de uitslaapkamer worden uw bloeddruk en pols en eventuele pijnklachten in de gaten gehouden. De verpleegkundige blijft bij u in de buurt. Als alles goed gaat en de controles stabiel zijn, mag u samen met uw kindje, partner/begeleider en de verpleegkundige terug naar de afdeling.

Risico’s en complicaties

Elke operatie brengt risico’s met zich mee, ook een keizersnede. Ernstige complicaties komen gelukkig zelden voor, zeker als u gezond bent. De meest voorkomende complicaties zijn:

  • Bloedarmoede
  • Blaasontsteking
  • Nabloeding in de buik
  • Bloeduitstorting in de operatiewond
  • Infectie van de wond
  • Trombose
  • Beschadiging van de blaas
  • Darmen die stil komen te liggen (ileus)

Zorg na de keizersnede

Eenmaal terug op de afdeling zullen uw bloeddruk, pols, temperatuur en het zuurstofgehalte in uw bloed goed gecontroleerd worden. Daarnaast wordt het vaginaal bloedverlies en de wond goed geobserveerd. De verpleegkundige zal u, indien u dat fijn vindt, opfrissen na de operatie. Uw kindje zal door de verloskundige of kinderarts op de afdeling nagekeken worden. U kunt daarbij meekijken.

Blaaskatheter

Tijdens de operatie heeft u een blaaskatheter gekregen. Deze wordt 6 uur na de operatie verwijderd. U bent dan inmiddels in staat om onder begeleiding naar het toilet te lopen.
Het is verstandig om regelmatig te gaan plassen. Een lege blaas is beter om de baarmoeder goed te laten samentrekken en zo minder bloed te verliezen. Ga voor iedere borst-/fles voeding even naar het toilet zodat u ontspannen de voeding kunt geven.

Infuus

U heeft voor de operatie een infuus gekregen voor het toedienen van antibiotica en vocht. Het infuus wordt verwijderd wanneer uw bloedverlies tijdens de operatie en de uren daarna normaal was en wanneer u goed uit bed kunt komen.

Eten en drinken

Na de operatie mag u weer alles eten en drinken als u daar zin in heeft. Wij raden aan eiwitrijke producten te eten. Dit bevordert een goede wondgenezing. Het kan zijn dat u misselijk bent na de operatie. Geef dit tijdig aan bij de verpleegkundige, dan kunt u daar een medicijn voor krijgen.

Pijn

Na een operatie is het niet gek dat u pijn ervaart. Deze pijn zal u voornamelijk rond het wondgebied voelen. Ook uit bed komen kan vooral de eerste paar keer pijnlijk zijn, dit is normaal. Iedereen ervaart pijn anders, dus wij kunnen op voorhand niet noemen hoeveel pijn u na de operatie heeft. De verpleegkundige zal regelmatig uw pijn uitvragen door middel van een score van 0 (geen pijn) tot 10 (allerergste pijn). U zult hier voldoende pijnstilling voor krijgen.

Naweeën

Na de operatie gaat uw baarmoeder terug krampen naar haar oorspronkelijke formaat. Deze krampen kunnen pijnlijk voor u zijn. Het krampen van de baarmoeder is een natuurlijke reactie van het lichaam. Wanneer u borstvoeding geeft, kunnen deze krampen extra optreden.

Vloeien

De placenta waardoor uw kindje in de baarmoeder voeding kreeg, heeft een wond in uw baarmoeder achtergelaten. Hierdoor kunt u tot 6 weken vaginaal bloed verliezen. In het begin is het normaal dat u meer bloed verliest. Tot twee volle kraamverbanden in 3-4 uur tijd is acceptabel. Het bloedverlies zal iedere keer een stukje minder worden.
Na toiletgang is het belangrijk dat u met een waterstraal van onderen reinigt, hiermee voorkomt u infecties.

Wond

Na de operatie zit er een pleister op de wond, deze blijft erop zitten tot na de eerste keer douchen. Daarna zal de pleister verwijderd worden. De wond is gehecht met onderhuidse hechtingen. Deze lossen vanzelf op en hoeven niet verwijderd te worden. Soms worden er ondersteunende hechtstrips over de wond geplakt. Dit zijn witte, langwerpige, smalle pleisters die verticaal over de wond geplakt worden. Deze hechtstrips mogen na 5 tot 7 dagen verwijderd worden, vaak laten ze al eerder los. Hierbij kan uw kraamverzorgende of verloskundige helpen.

Borstvoeding na een keizersnede

Waarschijnlijk hebt u de keuze al gemaakt of u borstvoeding of flesvoeding wilt geven. Het is belangrijk om te weten dat borstvoeding na een keizersnede gewoon gegeven kan worden. De eerste dagen is het in verband met de wond even zoeken naar een goede houding voor u en uw kindje, hiermee wordt u ondersteund door de verpleegkundige.

Zorg voor uw kindje

Bij terugkomst op de kamer na de keizersnede, wordt het kindje gewogen en krijgt uw kindje vitamine K. Ook zal de temperatuur van uw kindje gecontroleerd worden. Het kindje wordt nagekeken en dan kan de partner/begeleider onder begeleiding het kindje mee aan kleden. Uw kindje zal om de 3 uur een voedingsmoment hebben. Voorafgaand aan het voedingsmoment wordt de luier verschoond, hiermee wordt in de gaten gehouden of uw kindje plast en poept. Daarnaast wordt de eerste 24 uur de temperatuur van uw kindje voor het voedingsmoment gecontroleerd.
De verpleegkundige zal u ondersteunen bij de voedingsmomenten en vragen rondom de zorg van uw kindje beantwoorden.

Ouderparticipatie

Vanaf de geboorte van de baby betrekken wij de partner/begeleider bij de zorg van de pasgeborenen. Hierbij kunt u denken aan: aankleden, luier verschonen, baby uit bedje halen en terug leggen, baby aan de moeder geven, hoe maak je een fles klaar en hoe leg ik de baby aan de borst. Dit om partner/begeleider te leren hoe jullie baby te verzorgen. De zorg komt bij thuiskomst grotendeels neer op de partner/begeleider; de kraamverzorgende is slechts een beperkt aantal uren per dag thuis aanwezig.

Eerste keer uit bed

Voor uw herstel maakt het Catharina Ziekenhuis gebruik van een speciaal herstelprogramma, genaamd ERAS (Early Recovery After Surgery: vroegtijdig herstel na een operatie). Dit programma zorgt voor een beter en sneller herstel na een operatie. Doordat u beter herstelt, kunt u eerder weer naar huis. Een korter verblijf in het ziekenhuis zorgt voor een lager risico op infectie en bloedstolselvormingen (trombose). Hier hebt u zelf ook een belangrijke rol in. De laatste jaren is uit onderzoek gebleken dat het programma goed werkt voor het herstel na een keizersnede. De belangrijkste onderdelen zijn:

  • Duidelijke informatie, vooraf, tijdens en na de keizersnede;
  • Goede zorg thuis van kraamzorg en partner;
  • Optimale voeding;
  • Optimale pijnbestrijding;
  • Goed en snel kunnen bewegen buiten het bed.
 
Duidelijke informatie

De verpleegkundige op de afdeling geeft u informatie over de pijn die u kunt ervaren na een keizersnede. Ook geeft zij informatie over het bewegen buiten het bed, voeding, het verzorgen van de wond en de pijnmedicatie die u krijgt. Daarnaast zal de verpleegkundige uitleg gegeven over de verzorging van uw kindje en de voedingen.

Optimale pijnbestrijding

Op de Recovery/uitslaapkamer krijgt u pijnmedicatie via het infuus toegediend. Op de afdeling krijgt u op verschillende momenten van de dag pijnmedicatie in tabletvorm van de verpleegkundige. De pijnmedicatie zal bestaan uit 4x daags 1000 mg paracetamol en 3x daags 500mg naproxen. Mocht de pijn daarmee niet voldoende onder controle zijn, dan kunnen wij u een nog een sterkere pijnstiller geven die veilig is voor de borstvoeding.

Als de pijn acceptabel is, kunt u de pijnmedicatie afbouwen. U mag de paracetamol gerust de hele eerste week nog blijven innemen.

Goed kunnen bewegen buiten het bed

U wordt gestimuleerd om zo snel mogelijk te bewegen om uw herstel zo veel mogelijk te bevorderen. Het tijdig uit bed komen na een operatie voorkomt complicaties, zoals het stil liggen van de darm (ileus) en een verstopt bloedvat door een bloedstolsel (trombose) en het bevordert de wondgenezing. Om u inzicht te geven welke activiteiten verantwoord en mogelijk zijn na de keizersnede, is er een schema opgesteld dat in het ziekenhuis gebruikt wordt als houvast.

Dag 0

 6 uur na de keizersnede (sectio):

  • De katheter wordt verwijderd.
  • U loopt naar de badkamer / toilet. De eerste keer doet u dit onder begeleiding, wanneer dit goed gaat mag u daarna zelfstandig.
  • Voor elke voeding (elke 3-4 uur) gaat u plassen, u loopt hiervoor naar de toilet.
  • U gaat minimaal een keer 15 minuten in de stoel zitten.
  • U mag op de kamer vrij bewegen.
Dag 1
  • U mag douchen
  • Voor elke voeding (elke 3-4 uur) gaat u plassen, u loopt hiervoor naar de toilet.
  • Met de eetmomenten zit u in de stoel. (3×20 minuten).
  • Naast deze eetmomenten, gaat u nog 2 keer in de stoel zitten.
  • U maakt een start met het lopen op de gang. Begin met drie keer per dag 50-100 meter te lopen.
  • U gaat vandaag met ontslag.
Dagprogramma

Op de afdeling maken wij gebruik van een dagprogramma. Dit geeft inzicht in wanneer wat gaat gebeuren. Na een bevalling kan het voorkomen dat u niet altijd het overzicht over de dag heeft. U hoeft de planning niet meer te onthouden, omdat deze opgeschreven staat op het dagprogramma en op de kamer hangt.

Ontslag

Indien het medisch verantwoord is, mag u na 24 uur met ontslag. Wanneer u met ontslag gaat, zal er aan u gevraagd worden de kraamzorg in te lichten dat u naar huis komt. De verpleegkundige geeft u een pakketje papieren mee met het aangifteformulier, informatie over borst-/flesvoeding en informatie voor de kraamzorg over uw bevalling. Uw verloskundige wordt door de verpleegkundige gebeld.

Kraamhulp/ verloskundige

Wanneer u minder dan 8 dagen in het ziekenhuis hebt gelegen, heeft u recht op kraamzorg. Dit heeft u als het goed is voor de bevalling geregeld.
De verloskundige controleert u en uw kindje tijdens de kraamtijd thuis. U dient zelf een verloskundige te regelen, het is verstandig om dit al tijdens de zwangerschap te doen.

Nacontrole

Er wordt 6 weken na ontslag een controleafspraak op de polikliniek Verloskunde gemaakt. Het kan zijn dat dit een telefonische afspraak is. Mocht u dit niet fijn vinden, geeft u dit dan tijdig aan. U kunt ook zelf met de polikliniek contact opnemen.

Houd rekening met het volgende:

  • Uw concentratievermogen kan tijdelijk verminderd zijn. De mate waarin is afhankelijk van de soort narcose (ruggenprik of algehele narcose) die u heeft gehad.
  • U kunt gerust douchen. Als u geen bloedverlies meer hebt, mag u weer in bad.
  • De wond is na ongeveer 6 weken genezen. Als u geen vaginaal bloedverlies meer hebt, kunt u weer gaan zwemmen.
  • Uw conditie vraagt om aanpassing van uw werkzaamheden in huis.
 

Herstel thuis

Thuis bewegen

Probeer eenmaal thuis ook regelmatig te bewegen en uw conditie verder op te bouwen. Onthoud hierbij dat het beter is om regelmatig te bewegen dan lange tijd achtereen.
In onderstaande tabel geven we een voorbeeld hoe u dit in week 1 kunt aanpakken.

Dag 2-4
  • Loop 5 keer per dag 50-100 meter.
  • Eet de maaltijden niet in bed, maar ga hiervoor uit bed. 3x per dag 20 minuten. 
  • Ga daarnaast nog 3 keer per dag 30 minuten uit bed.
Dag 5-7
  • Loop 10 keer per dag 100 meter.
  • Eet de maaltijden niet in bed, maar ga hiervoor uit bed.
  • Bouw het zitten op naar kunnen.

U kunt eventueel starten met begeleidt sporten om uw conditie en kracht verder op te bouwen na de zwangerschap.

Leefregels
  • Vermijd 4 tot 6 weken rek- en strekbewegingen die pijn veroorzaken in het wondgebied (ramen zemen, was ophangen, bed opmaken en stofzuigen).
  • Als u moet bukken, probeer dat dan door de knieën te buigen en de rug recht te houden.
  • U kunt beter geen zware dingen tillen, zoals vuilniszakken, emmers water of grotere kinderen. Vermijd dit in de eerste 6 weken
  • Wanneer u moet traplopen kunt u dit doen door bij te stappen, Geleidelijk kunt u proberen om door te stappen.
  • U mag geen zware buikspieroefeningen doen (bijvoorbeeld vanuit rugligging naar zit komen). Het is wel goed regelmatig de buikspieren aan te spannen (bekken kantelen), en uw bekkenbodemspieren te trainen (de spieren die u gebruikt bij het ophouden van de urine).
  • Maak wandelingen niet te lang, loop liever vaker kortere afstanden dan een keer een lange. Bouw de afstanden geleidelijk aan op.
  • Alles wat u zittend kunt doen is toegestaan, zoals voorbereidingen treffen voor het eten en de was vouwen.
  • U mag gewoon autorijden, probeer het alleen de eerste 2 weken te vermijden. Mocht u gaan autorijden, raadpleeg uw verzekering of u na een operatie verzekerd bent als u autorijdt.
  • U kunt na 2 tot 4 weken weer fietsen, luister vooral naar uw lichaam of dit goed voelt.
  • De eerste 2 weken raden wij af om actief te sporten, wandelen mag wel.
  • Seksuele activiteit is pas aan te raden wanneer er geen bloedverlies meer is, de wond niet te pijnlijk aanvoelt en u hier psychisch aan toe bent.

Het lijkt misschien dat u niet veel mag doen, maar dat is niet zo. Het genezingsproces vertraagt als u niets zou doen. U merkt zelf het beste wanneer u aan uitbreiding van activiteiten toe bent.

Wanneer contact opnemen?

Als u koorts krijgt, neemt u eerst contact op met uw verloskundige thuis. Als u klachten heeft die met de operatie te maken hebben, neem dan tijdens kantooruren contact op met de polikliniek Verloskunde en buiten kantooruren belt u de verpleegafdeling Verloskunde.

Opleidingsziekenhuis

Het Catharina Ziekenhuis is een opleidingsziekenhuis. Wij bieden tal van opleidingsmogelijkheden voor artsen, verpleegkundigen en paramedische beroepen en werken daarin nauw samen met opleidingscentra en –ziekenhuizen in de regio. Dit kan betekenen dat uw behandeling, onderzoek of operatie (mede) uitgevoerd wordt door een zorgverlener in opleiding. Denk hierbij aan een arts in opleiding tot specialist, een coassistent of een verpleegkundige in opleiding. Veiligheid is het allerbelangrijkste, daarom staat de zorgverlener in opleiding altijd onder supervisie van een gekwalificeerde zorgverlener. Indien u uitdrukkelijk niet wenst geholpen te worden door een zorgverlener in opleiding, kunt u dit aangeven bij uw behandelend arts.

Vragen

Heeft u nog vragen naar aanleiding van deze folder? Neem dan contact op met de polikliniek Verloskunde.

Contactgegevens

Catharina Ziekenhuis Eindhoven
040 -239 91 11
www.catharinaziekenhuis.nl

Verpleegafdeling Verloskunde
040 – 239 81 40

Polikliniek Verloskunde en Gynaecologie
040 – 239 93 00

© 2021 Catharina Ziekenhuis - Alle rechten voorbehouden