PET/CT scan met 18F-FDG ter voorbereiding op radiotherapiebehandeling

Dit PET/CT onderzoek combineert twee technieken: de PET-scan (Positron Emissie Tomografie) en de CT-scan (Computer Tomografie). Deze technieken vullen elkaar. De informatie uit deze twee scans helpt de radiotherapeut (de bestralingsarts) om te bepalen welk gebied precies bestraald moet worden.

De PET-scan geeft informatie over de stofwisseling van weefsels. Dit betekent dat de scan kijkt naar hoe cellen in uw lichaam werken en of er veranderingen zijn. De CT-scan maakt gebruik van röntgenstraling en maakt gedetailleerde beelden van de structuur van uw lichaam, zoals organen en weefsels.

Voor dit onderzoek krijgt u op de afdeling Nucleaire Geneeskunde een kleine hoeveelheid radioactieve stof via een infuus. Dit middel heet 18F‑Fluorodeoxyglucose (18F‑FDG). Deze stof geeft korte tijd een beetje straling af. De PET/CT‑scanner leest deze straling en maakt daarmee beelden.

De hoeveelheid radioactieve stof is zo klein dat het veilig is voor u en uw omgeving.

De radiotherapeut bekijkt de beelden en bepaalt welk gebied bestraald moet worden en welk weefsel juist beschermd moet worden, zoals gezond weefsel. Met een computerprogramma wordt daarna een bestralingsplan gemaakt dat precies is afgestemd op uw situatie.


© 2026 Catharina Ziekenhuis
Alle rechten voorbehouden