Hoe ontwerp je betere zorg? Catharina Ziekenhuis laat het zien tijdens Dutch Design Week
Hoe zorg je ervoor dat patiënten niet ‘verdwalen’ tussen verschillende zorgverleners en ziekenhuizen? En hoe voorkom je dubbel werk? Tijdens de Dutch Design Week liet het Catharina Ziekenhuis zien hoe ontwerpers helpen om zorg slimmer en eenvoudiger te organiseren.
Deze donderdag (gisteren) verzorgden zorgprocesontwerper Tom van Veen en projectleider regionale samenwerkingen Claudia Lieshout in het Eindhovense Natlab de workshop Collaborative Care: Designing regional care pathways. Tijdens deze bijeenkomst gingen deelnemers zelf aan de slag met Metro Mapping, een ontwerpmethode die ingewikkelde zorgprocessen overzichtelijk maakt.
Want de zorg verandert. Patiënten krijgen steeds vaker te maken met verschillende zorgverleners, binnen én buiten het ziekenhuis. Denk aan de huisarts, medisch specialist, thuiszorg, revalidatie, de regioziekenhuizen onderling. Al die partijen moeten goed samenwerken. Maar hoe zorg je dat iedereen weet wat de ander doet? En dat de patiënt niet onnodig van het kastje naar de muur wordt gestuurd?
Daar ligt een belangrijke taak voor de vijf zorgprocesontwerpers die in het Catharina Ziekenhuis werken. Zij onderzoeken hoe patiënten hun zorg ervaren, waar processen vastlopen en hoe het beter kan. Daarbij werken ze nauw samen met patiënten en zorgverleners.

Tweeënhalf uur tijdwinst
Dat deze aanpak werkt, blijkt bijvoorbeeld op de afdeling Medische Psychiatrie. Daar brachten de ontwerpers verschillende overlegmomenten in kaart. Een van die overleggen bleek weinig toe te voegen, omdat de noodzakelijke afstemming ook op andere momenten plaatsvond.
Door het proces anders in te richten, werd per zorgverlener maar liefst 2,5 uur overlegtijd per week bespaard. Tijd die op andere manieren kan worden besteed, bijvoorbeeld aan patiëntenzorg.
Ook buiten het ziekenhuis zijn verbeteringen mogelijk. Bij het onderzoeken van de regionale zorg voor mensen met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten ontdekten de ontwerpers bijvoorbeeld dat patiënten soms twee keer bloed moeten laten prikken. Zowel bij de huisarts als in het ziekenhuis, zonder dat de betrokken zorgverleners dit van elkaar weten of de uitslagen kunnen delen.
Door het volledige zorgproces in beeld te brengen, worden zulke knelpunten zichtbaar. Dat is de eerste stap om ze samen op te lossen.

De patiënt als uitgangspunt
In een interview met zorgplatform DOQ vertelde Noa Smolenaars, een van de zorgprocesontwerpers, onlangs over haar werk. „De kracht van design is dat wij goed kunnen omgaan met een grote dosis complexiteit”, zei ze tegen het platform.
De ontwerpers gebruiken daarvoor onder meer Metro Mapping. Met deze methode brengen ze de verschillende stappen in een zorgproces visueel in kaart, vergelijkbaar met een metrokaart. Zo wordt duidelijk welke route een patiënt aflegt, wie daarbij betrokken is en waar problemen ontstaan.
Niet de bestaande zorgorganisatie, maar de ervaring van de patiënt staat daarbij centraal. Daarom spreken de ontwerpers met patiënten, lopen ze mee met zorgverleners en kijken ze naar beschikbare gegevens. Vervolgens zoeken ze samen naar verbeteringen.

Nieuwe strategie in de praktijk
Deze manier van werken sluit nauw aan bij de strategie van het Catharina Ziekenhuis: Zorg voor onze regio 2025-2035. Daarin staat het vernieuwen van zorgprocessen centraal. Eerst door processen binnen het ziekenhuis slimmer te organiseren, vervolgens door zorg steeds meer in regionale netwerken aan te bieden en uiteindelijk door de zorg beter af te stemmen op de persoonlijke situatie van patiënten.
Die ontwikkeling is nodig om de zorg in de snelgroeiende Brainportregio toegankelijk en betaalbaar te houden. Dat vraagt om meer dan goede afspraken tussen zorgorganisaties. Ook de dagelijkse praktijk moet daarop worden ingericht. Wie doet wat? Wanneer wordt een patiënt overgedragen? En hoe zorgen we dat informatie beschikbaar is waar die nodig is?
Juist daarbij kunnen zorgprocesontwerpers een belangrijke rol spelen. Tijdens Dutch Design Week deelden we onze kennis en ervaringen, maar kregen we ook nieuwe inzichten van de deelnemers. Zij reageerden positief op de workshop. Vooral het zichtbaar maken van ‘afhankelijkheden tussen organisaties en disciplines’ werd als waardevol ervaren. Ook benadrukten deelnemers dat regionale samenwerking verder gaat dan alleen de zorg. Zo vraagt goede samenwerking ook om aandacht voor ‘het sociaal domein, de informatievoorziening en de behoeften van verschillende patiëntgroepen’.
De workshop liet zien hoe Metro Mapping kan helpen om samen opnieuw na te denken over de inrichting van zorg. Want betere zorgprocessen ontwerpen is geen doel op zich. Uiteindelijk gaat het om zorg die voor patiënten als één samenhangend geheel voelt.
Meer weten?
Lees het volledige interview met Noa Smolenaars op zorgplatform DOQ.
Luister een podcast van BNR Beter terug over dit onderwerp